Gratis reisvoorstel aanvragen

Egypte en JordaniŽ

Bestemming: A. CaÔro (Egypte) , B. St. Catharina , C. Wadi Rum (JordaniŽ) , D. Akaba , E. Petra , F. Amman
Periode: april 2005
Vervoer: Vliegtuig, boot en busje
Accommodatie: Diverse

De voorbereidingen waren net een aanloop tot een bevalling. Alle reisgidsen over Jordanië gelezen die de bieb maar had, heel veel internetpagina’s bezocht, passende kleding e.d gekocht enz. Je zit op een gegeven moment zo vol met info dat je het ook eindelijk wilt gaan beleven. Dan wordt het gelukkig 21 maart en is het zover. Van tevoren goed uitgedacht welke kleding aan moest op de heenreis. Hier moesten we er de warmte nog van hebben en daar moest het nog functioneel inzetbaar zijn bij bijv. de beklimming van de Horeb. Welke schoenen mee?? Sandalen voor het goede lopen. Gymschoenen of toch mijn nieuwe hoge wandelschoenen (die ik zou inlopen maar waar natuurlijk niks van kwam). Eh, eh, eh... toch maar de nieuwe wandelschoenen ivm de Horeb beklimming.

En daar zaten we dan om 10.00 uur geheel gekleed klaar op de bank (je zou eens te laat komen). We moeten om 5 uur ‘s middags pas op Schiphol zijn. “Nou, nog een Senseo en dan moesten we toch maar gaan, of we nu hier wachten of daar...”
En zo pakten we de trein van 10.58 in de wetenschap dat we er rond 2 uur zouden zijn. “Maar ja, een slimme meid is op haar toekomst voorbereid” (spraken de zenuwpezen zichzelf toe). Maar ik was de trein nog niet in of ik had al warme voeten. “Oh oh, helemaal fout, hoe kon ik toch ook die dikke schoenen aan doen en nog niet ingelopen ook nog”. Paniek, vakantiestress, whatever... het was niet anders en ik kon niet meer terug. Over 12 dagen zou ik weten of dit een goede keuze was geweest. We doen nog gauw op het station even een boodschapje want je zal toch net zien dat op de dag van vertrek je lippenstift op is. Voor moeders zijn de wegwerpwashandjes ook wel handig en daarnaast moeten we natuurlijk een krantje en croissantje mee “voor de lange reis”. En hop, de intercity in... de reis is nu echt begonnen.

14.10 Uur staan we dan op Schiphol. Eerst maar even sanitair stoppen voor we gaan shoppen. Het pakt direct al verkeerd uit als we de Esprit winkel instappen. Opruiming, en er hangt natuurlijk net dat hemdje wat ik nog niet had. Dat is de eerste aanslag al op mijn vakantiebudget en we zijn nog niet eens weg. We lopen dus de rest van de tijd maar een beetje voor de winkels langs en doen ons dan tegen 4 uur te goed aan een kop koffie en een whopper. Tegen 5 uur gaan we maar naar onze vertrekbalie. Daar staat al een hele grote groep met dezelfde witte labeltjes. Handen schudden en voorstellen. Inchecken en even taxfree shoppen. Met een tubetje herstellende handcrème spoeden we ons even later naar de vertrekhal. We kletsen al met deze en gene en checken dan even later in.

Stoelendans volgt omdat we als groep de nummers door elkaar gekregen hebben. Dan stijgen we op en niet snel daarna krijgen we wat te drinken en te eten. Het eten bestaat echter uit een paar zoutjes. Niet veel later komen ze met zo’n warme doek als bij de chinees. Zijn we nu al klaar met eten? Dat wordt afzien tot morgen vroeg. Dus trek ik mijn tas open en zoek troost bij een snickers. Voldaan bladeren we wat in de taxfree lectuur en dan komen er heerlijke geuren het vliegtuig in. Het doekje was dus handen wassen vooraf ipv na die tijd. Tja, je vliegt niet alle dagen en elke maatschappij heeft weer zijn eigen gewoontes. Oh, wat zal het zijn. We krijgen kip in mosterdsaus, aardappels en wortels met boontjes. Smeerkaas en een broodje en wat drinken. Verder kijken mij, vanuit een schaaltje met koude pasta, 2 hele grote gamba’s mij aan. Warm bij de chinees zijn ze heerlijk, maar koud in een schaaltje bij de KLM weet ik het niet zo. Maar ja, doe eens gek we zijn op vakantie en dan doe je wel vaker rare dingen. Even een spannende hap, maar ik moet zeggen: ik vind ze heerlijk en peuzel die van moeders er maar bij op. Voor haar was dit avontuur net iets teveel gevraagd. We genieten de vlucht van de Bridget Jones film.

We vullen de landingspapieren in en niet veel later staan we al aan de grond. Mahmoud, onze Egyptische reisleider, staat ons al op te wachten en plakt de visum zegels in ons paspoort. Niet veel later zijn we door de douane en gaan richting de bus. In de bus heet Mahmoud ons welkom met een verlept bosje goudsbloemen. Het was vandaag moederdag en we krijgen allemaal een bloemetje. Mijn opmerking: “Die moet ik van nood maar in mijn Bijbeltje drogen” levert mij een por van moeders op omdat ze dan nog niet weet hoe zo’n grapje in dit gezelschap valt. We komen aan bij het hotel waar onze reisleider (gelukkig tevergeefs) pogingen doet om onder het programma uit te komen. Maar deze jongens hebben een goed draaiend schema en verwachten ons gewoon om 9 uur morgen in de bus. Dus hop snel douchen en dan de wekker zetten om 7 uur. Dat wordt dan maar 4 uurtjes slapen...

Dag 2: Sakara, Memphis, Piramides

Om 7 uur gaat de wekker. 4 Uurtjes is toch niet veel slaap, maar de douche die doet weer wonderen. Dan wordt het tijd voor de inwendige mens. De broodjes liggen in de manden en de cake ligt ook alweer klaar. Ook warme dingen als ei, iets ondefinieerbaars van bruine bonen en warme smackachtige worst. Brrrrrrrrrr, niet op de nuchtere maag. Eerst maar de vertrouwde jam en smeerkaas en dit alles wegspoelen met wat koffie. Tegen 9 uur is Mahmoud er en neemt ons mee naar de bus. We moeten even naar de hoofdstraat lopen want de bus kan niet zo makkelijk de straat in en uit. We lopen er heen en verbazen ons onderweg over een groepje jongelui die bij elkaar zittend uit verschillende schaaltjes met elkaar eten. We rijden even later door het drukke verkeer van Cairo richting Sakkara.

Ondertussen heeft Ayman ook plaats genomen in de bus. Hij zal onze gids zijn deze dagen. Hij neemt ons mee naar de piramide van Djoser. Hoewel wij op veel dezelfde plaatsen zullen komen dan een vorige reis zien we toch ook weer hele andere dingen omdat elke gids weer zijn eigen afweging maakt van wat hij interessant vindt om aan zijn groep te laten zien. Zo hebben we vorig jaar de rode en geknikte piramide gezien en gingen rechtsomkeer, terwijl Ayman ons mee neemt naar de achterkant van het complex van Djoser. En ook daar zijn weer dingen de moeite waard om te zien.

Piramide van Djoser
Piramide van Djoser


We rijden niet veel later door naar Memphis. Hoewel dit complex niet groot is verteld Ayman ook daar weer nieuwe dingen. Laat ons een van de oudste beelden zien, laat een paar mannen demonstreren hoe ze de stenen zo glad krijgen en loopt dan door naar het achterste gedeelte van het terrein waar 2 enorme grote ronde “tafels”staan. Na uitleg blijken dit de bovenkanten van 2 zuilen te zijn geweest en ook is goed zichtbaar op welke wijze ze aan deze zuilen hebben gewerkt. De mooie potten die er staan “waren dus niet voor bloemen” maar om de voeten te reinigen voor men de tempel inging. Verder legt Ayman uit dat je heel veel standbeelden ziet waar de Farao een stap voorwaarts zet, maar dat deed men vroeger om het beeld meer balans te geven, zeg maar een grotere vloeroppervlak, waardoor het minder kwetsbaar was. Nogmaals even het grote beeld van Ramses op de gevoelige plaat vastleggen en dan de bus weer in, die ons naar ons lunchadres zal brengen.

Het lijkt een beetje een “vreetschuur”, maar toch vind je de grote groepen niet in het restaurant en ook het eten doet zich goed smaken. Zoals vrijwel overal in Egypte heb je ook hier lopend buffet. Er staan weer vele schalen met verschillende rauwkost en ook hier hebben ze vis en kip met puree en rijst en spaghetti met saus. Groenten als boontjes, worteltjes en bloemkool. En de toetjes bestaan uit verscheidene puddingsoorten en baklava-achtige gebakjes.

Nadat Ayman ons het maken van papyrus heeft uitgelegd in een winkel naast het restaurant, gaan we verder naar de piramides. Al weken had ik mij voorgenomen om dan als nog maar alle moed bij elkaar te rapen en naar binnen te gaan, krijgen we hier maar 20 minuten de tijd. Dat is tekort en ik moet daarom van mijn voornemen afzien. Opvallend is dat de mannen met kamelen er niet meer zijn. Deze zijn verplaatst naar het plateau van Gizeh en er hangen dus alleen nog maar een paar vervelende verkopers rond. Deze maken eerst een mooi praatje, geven je iets van hun waar cadeau, en vragen dan even later om wat kleingeld. Je geeft ze dan wat maar dan is dat ineens niet genoeg en moet het toch veel meer worden. Willen hun spul niet terug maar wel geld. Heel vervelend, dus stink daar nooit in. Geleerd van vorig jaar mijden we deze boys en maken nog even een foto van de ingang want die hadden we vorig jaar vergeten.

Piramides van Gizeh
Piramides van Gizeh


Dan met de groep richting het plateau, maar de lucht is niet zo mooi blauw dus de camera kan in de tas blijven. We blijven een beetje uit de buurt van de kamelendrijvers en de verkopers want die zijn vaak niet het gezelligst tegen de toeristen. Helaas verpest door het massatoerisme. Gelukkig blijven we hier niet lang en stappen in de bus. Daar komen de verhalen los over de ritjes op de kamelen. Ze beginnen met 1 euro voor een foto en voor je het weet zit je er op voor 5 euro en als je er afstapt zijn ze verbaal agressief omdat ze meer willen. Sommigen hebben de schrik nog in de benen. Wijs geworden door vorig jaar hebben wij ons afzijdig gehouden en de verhalen bevestigen dat alleen maar weer.

We gaan door naar de Sfinx. We stappen aan de zijkant uit en zien de Sfinx dus in de volle lengte van de zijkant en dat geeft toch een heel ander perspectief dan van voren. In het complex zelf legt Ayman uit hoe het mummificeren gebeurde. Dan even weer op de kiek met de Sfinx en nadien rechtsomkeert naar de bus. En dan gebeurt er wat moois. Moeders ziet tussen de hele drom mensen in eens Atta staan. Atta was vorig jaar onze gids en hij heeft ons een onvergetelijke reis bezorgd. En dan te bedenken dat Egypte vele malen groter is als Nederland, het maar de vraag is of hij aan het gidsen is en dan met zijn groep net op het zelfde tijdstip bij de Sfinx staat als ons. Aangezien dat soort dingen mij erg raken duurt het niet lang dat de vreugde tranen mij over de wangen lopen wat onze nieuwe gids Ayman dus doet verwonderen. Maar ik beloof hem, dat als ik hem volgend jaar ook spontaan tegen het lijf loop, ik ook dan in tranen zal uitbarsten. We praten kort bij, nemen de complimenten voor de website van mij in ontvangst en wensen elkaar het allerbeste voor de toekomst.

De Sfnix van Gizeh
De Sfnix van Gizeh


Nadat de traditionele groepsfoto voor de sfinx is gemaakt gaan we weer richting hotel. We gaan dan even heerlijk douchen en ik ga dan snel naar de overkant van de straat waar een internetcafé zit. Even bijpraten met het thuisfront. Dan pik ik moeders op en gaan naar de rest van de groep voor een kennismakingsrondje. Rond half 8 gaan we dan naar de eetzaal waar we soep vooraf krijgen en daarna voor de verandering KIP. Hoewel ik vele poten, borsten enz heb langs zien komen smaken ze bij elk restaurant toch weer anders. Deze ging wel maar de frietjes vallen toch beter. Als anti-fruit mens laat ik het schaaltje vruchten maar onaangeroerd. Nog een beetje natafelen en dan schuiven we bijtijds weer onder de wol. We moeten nog even een beetje in dit ritme komen.

Dag 3: Citadel - Moskee - oud Cairo - parfumerie - Egyptisch museum - khan el khalili

Om half negen vertrekken we weer van ons hotel en rijden door Cairo naar de Citadel. We gaan de moskee in en hoewel ik net zo gekleed ben als moeders vinden ze moeders kledij niet voldoen aan de voorschriften en krijgt ze een groen gewaad aan wat haar geheel bedekt. Na de nodige hilariteit en de foto’s daarvan gaan we de moskee in. Ayman legt daarin de 5 leefregels van de Islam uit. Aangezien mijn vorig foto hier mislukt is proberen we het nog maar eens weer. Ayman neemt ons daarna mee naar het winterpaleis achter de moskee wat we de vorige keer niet gezien hadden. Een beetje paleis-het-Loo-achtig maar toch wel weer leuk. Er hangen schilderijen van de koninklijke familie van vroeger en de vergulde troon. Als kroon droegen de koningen een Fez. Ook is er een slaapkamer die gemaakt was voor een hooggeplaatste Franse dame die bij de opening van het Suezkanaal zou zijn. Het was een kopie van haar eigen slaapkamer thuis, maar de dame in kwestie kon al deze moeite niet waarderen en sliep elders.

Toen naar oud-Cairo. Deze trip konden we vorig jaar facultatief doen maar we zaten toen zo vol met indrukken van Oud-Egypte dat we dat wel voor lief namen. Nu zat het in het programma en lieten we ons graag verwonderen. We beginnen in de St. Sergius kerk. Onder in de crypten van deze kerk bevind zich de grot waar Jozef en Maria en het kindje Jezus zich hebben verstopt. Daarboven op is als gedenkplaats de kerk gebouwd. Voor je gevoel hebben alle Bijbelse taferelen zich in Israël afgespeeld maar de eerste jaren van Jezus zijn leven trok hij toch daadwerkelijk door Egypte en rijdend op hun ezeltje zullen ook zij zich verwonderd hebben over de grootsheid van o.a. de piramides. Dan gaan we door naar de Synagoge. Na uitleg van Ayman gaan we naar binnen en ook hier (net als in Praag) verwonder je je over de schoonheid van zo’n gebouw. Niet alleen de thora enz die prachtig tentoongesteld staat, maar met name de prachtige fijne mozaïekschilderingen aan de muren verwonderen je elke keer weer. Omdat je niet mag fotograferen kopen we een paar foto’s en gaan dan via de oude smalle weggetjes door naar de Hangende kerk. Deze is gebouwd op 2 torens en in het midden van de kerk zit een glasplaat waar, als je er doorheen kijkt, je 17 meter naar beneden kijkt.

Dan is het weer tijd voor de lunch, en rijden we naar een mooi restaurant en ook hier smaakt het weer lekker. Naast het restaurant ligt een parfumeriehuis en daar neemt Ayman uitgebreid de tijd om alle geuren te demonstreren. Maar al zijn inspanningen ten spijt schaft niemand in de groep een flesje aan.

En dan komt weer het moment suprème daar. We gaan weer naar het Egyptisch Museum. Zo denk je het dodenmasker nooit in je leven te zien en zowaar wordt het, het 2e jaar achter elkaar. Helaas mogen we niet fotograferen, maar nu ervaar ik het ook wel als prettig omdat je nu alleen maar hoeft te kijken en niet druk bezig bent met alles te vereeuwigen. Je kunt hier dagen kijken en de rondleiding van Ayman is dan ook minstens zo boeiend als die van Atta vorig jaar. Hij laat ons weer hele andere dingen zien. Ik verwonder mij weer over het ene hele kleine beeldje van Cheops. Het enige beeldje wat men van hem gevonden heeft. Moet je nagaan. Wel zijn piramide (maar daar kun je ook niet echt omheen) maar verder helemaal niks van die beste man. En dan te bedenken dat het jongetje die het beeldje vond de mensen niet wilde vertellen waar hij het vond. Wie weet wat daar nog meer in de grond zit.

We komen uiteindelijk uit bij de afdeling van Toetanchamon en daar geeft Ayman het guide-stokje over aan mij en krijg ik het genoegen om de groep het een en het ander te vertellen over “mijn grote vriend Tout”. En dan komt het moment dat we weer 15 minuten de tijd krijgen om de het dodenmasker te bewonderen. Op National Geografic hadden ze het over een “lasnaad” aan de binnenkant, maar die kan ik niet vinden. Dus maar gewoon in alle rust de schoonheid op me laten inwerken. Het blijft een bijzondere ervaring en buiten gekomen moet dan ook het spontaan omhoog borrelende traanvocht verwijderd worden. Definitief de laatste keer dat ik hem zie. Adieu!

Ik had mij voorgenomen om moeders de mummiekamer te laten zien. Daar ligt een vrouw met zulks mooi haar met van die hele fijne krulletjes. Maar de prijs was alweer verhoogd en kost nu omgerekend 10 euro. 20 euro samen, waarvan ik het al heb gezien en moeders het niet boeit. Die heeft er liever straks een leuk lapje voor op de bazaar. We hebben dan nog een kwartiertje en laat ik 2 van de groep nog even wat andere kostbaarheden van Tout’s collectie zien.

En dan komt moeders hoogtepunt. De Khan el Khalili. Met een waslijst van nog aan te schaffen souvenirs wordt ik meegesleurd de bazaar op. Gevolgd door een groot gedeelte van de groep die onderhand door moeders verhalen weten dat ik graag mag pingelen. Het is geen onwil, maar het is gewoon geen doen met zo’n hele sleep over zo’n markt. Een paar krijgen mijn handelen nog mee en die gaan dan zelfstandig op strooptocht. Gestaag werken we ons lijstje af en met dat wat we willen hebben komen we bij de bus terug. We laten Ayman aangeven wat het moet kosten en bij elke aanschaf heb ik minder betaald. Zeer voldaan de bus in dus.

Khan el Khali
Khan el Khali


Onderhand heb ik een barstende koppijn van mogelijk te weinig drinken en het scoren van te weinig koffie. Ik had thuis toch moeten “afkicken”. Mahmoud koopt voor mij een doosje Oblong Novalgin en ik neem 1 voor het douchen. Even internetten en de koffers zover inpakken en ben dan weer aardig opgeknapt. Moeders niet want die haar darmen beginnen al weer op te spelen. Haar visum zegeltje is nog niet droog in haar paspoort of die begint al te pruttelen. Ik zet haar gelijk aan de Antanal. We gaan vanavond uit eten op een cruiseschip met Egyptisch vermaak. Het eten is er werkelijk voortreffelijk. Moeders kijkt er alleen maar wat naar en trekt zich zo nu en dan even terug. Onderwijl worden we vermaakt door een Egyptische danser die aldoor maar in de rondte draait. Er worden foto’s gemaakt die men dan aan het eind weer verkoopt. Na wat vermaak door een buikdanseres komen de obers langs met wat grapjes en kunstjes. Rond 10 uur gaan we tevreden en voldaan naar het hotel om de volgende dag om half 6 weer op te staan.

Dag 4: de Sinai naar St. Catharinaklooster

Om half 6 gaat de wekker omdat we om half 7 vertrekken. We verlaten Cairo vandaag en gaan via het Suezkanaal door de woestijn naar het St. Catharinaklooster bij de berg Horeb. We laten dus de drukte van de stad achter ons en rijden dan via een mooie asfaltweg de woestijn in. Aan weerszijden zien we nieuwe woonwijken in aanbouw en zo nu en dan een legerplaats. We dommelen en lezen wat en tegen 10.00 uur hebben we een koffiebreak. Aangezien ik nog niet geheel afgekickt ben van de cafeïne vul ik daar mijn thermoskannetje met nog 2 kopjes koffie voor onderweg. De chauffeur huurt even een waterpijp en rookt even vredig. Zelf doen we ons even tegoed aan het zonnetje.

De reis wordt vervolgd en we rijden niet veel later onder het Suezkanaal door. We maken een grote bocht, zien de eerste grote schepen (het lijkt wel of ze door de woestijn varen) en even later staan we zelf aan het kanaal. Joekels van schepen komen langs. Om de 4 uur wordt er gewisseld qua vaarrichting. Er mag helaas aan het Suezkanaal niet gefotografeerd worden. We vervolgen onze reis via de Golf van Suez. Men is druk bezig resorts te bouwen. Tot 2010, heb ik mij laten vertellen, mag men bouwen en dan is het over. Ook onze gids heeft er een appartement in aanbouw. Vanuit Cairo rijdt je dan nog geen 2 uur om heerlijk aan het strand te kunnen zitten. Ook voor de toeristen is dit een uitbreiding van accommodaties.

Tegen 12 uur rijden we zo’n resort op waar een meer dan prachtig restaurant staat. Prachtig wit met mooie oosterse elementen. We krijgen eerst de gelegenheid om te zwemmen / zonnen. Via het restaurant loop je naar het balkon vanwaar je naar het strand komt. Het uitzicht beneemt je even de adem. Een paradijselijk oord. Prachtig azuurblauw water, witte stranden, rieten parasols en mediterrane huisjes tegen een bergachtige kust maken het plaatjes compleet. Ademloos lopen we naar het water. Het is echter ontzettend koud. Onze reisleider doet als enige een poging (en die had ’s avonds nog blauwe vingers). Wij kiezen eieren voor ons geld en gaan gepast ontbloot in een hoekje uit de wind liggen. Wat een genot, dit mag nog wel wat langer duren. Maar na 3 kwartier is de pret voorbij en zullen we toch naar boven moeten anders lopen we onze lunch mis.

We beginnen met een koud voorgerecht van rode bieten en een tzatziki-achtig prutje van aubergine. Man wat lekker. Moeder lust het gelukkig niet, dus ik kan mij aan 2 porties tegoed doen. Daarna eten we voor de verandering (platgeslagen) KIP (althans zo ziet het er uit, ik hoop in ieder geval dat het beest niet zo ter wereld kwam). De dikke sinaasappel neem ik wel weer voor lief en ga nog even met de snoet in de zon.

We vervolgen de reis en rijden naar het zuiden waar we de eerste olieraffinaderijen al zien. Dan, op de kaart halfweg voorbij Abu Rudeis, slaan we af het binnenland in. De natuur verandert en even later rijden we weer door een fascinerend woestijnlandschap. Prachtige grillige rotspartijen die verschillende kleuren bevatten vanwege het verschillende gesteente. We rijden door de wadi’s. Dan komen we bij Veran Valley, waar volgens de overlevering Rafaim moet hebben gelegen. Hier danste Mirjam, de zus van Aaron voor het gouden kalf wat haar broer had gemaakt tijdens de lange afwezigheid van Mozes. Na terugkeer zag Mozes dit en brak de stenen tafelen met daarop de wet, zo pas van God gekregen. In de verhalen was dit onder aan de berg Horeb, maar daarvoor moeten we nog een eind rijden. Ook was in Rafaim geen water en bij deze oase wel. Dus toch maar weer fantaseren dat het mogelijk hier heeft kunnen plaats vinden. We stappen uit en binnen een mum van tijd zijn we omringt door een zwerm kinderen die erg opdringerig bedelen. Het is eerder bedreigend en we zijn dan ook blij dat de gids ze daar op aanspreekt. We lopen even een bergje omhoog om vandaar een iets beter uitzicht te hebben.

We vervolgen onze reis om tegen zonsondergang te arriveren bij het St. Catharina hotel. Het is een prachtig hotel, bestaande uit verschillende appartementenblokken die rond een groot zwembad liggen en dit geheel ligt ingeklemd door een prachtige berg partij. We krijgen de sleutel van de kamer en die ziet er verzorgd uit. Ik ga nog snel even naar buiten omdat de zon al erg laag staat en ik nog graag een foto van het complex te maken. Net op tijd want even daarna verdwijnt de zon achter de bergen. Bij het complex is een aparte grote eetzaal, een receptie, een winkeltje en 2 bedoeïenen tenten waar je bij de een wat kleding ed. kunt kopen en in de ander je wat kunt drinken of een waterpijpje kunt roken. Na even bij de stalletjes te hebben gekeken gaan we ons douchen. De 2 stralen die er uitkomen voelen niet plezant op je lijf. En de handdoeken, die je eerst moet uitklappen voor gebruik, hebben van hun leven nog nooit geen wasverzachter gezien. Maar voor rugkrabber zijn ze wel erg geschikt. Ook lekker..

We doen ons tegoed aan het lopend buffet om even daarna snel naar de kamer te gaan omdat ik om half 2 op moet ivm de beklimming van de Horeb. Het is ons al wel duidelijk geworden dat het hier ’s avonds onaangenaam koud kan zijn om deze tijd. En ik ben mijn muts en handschoenen vergeten. Ik neem een t-shirt met lange mouwen, doe deze over het hoofd, mouwen onder de kin lang en vast knopen achter op het hoofd. Het ei van Columbus. Muts en sjaal ineen en ook nog van katoen wat het vocht mooi opneemt. Kan niet beter. Verder bekijk ik kritisch mijn fototoestel en besluit alle lenzen thuis te laten en alleen mijn basic camera in mijn rugzak te doen. Doe water en mijn flesje energy drank in de tas. Een verpakt krentenbroodje, snikker, en druivensuiker en dat moet het zijn. Lange broek t-shirt met lange mouwen, trui, winddicht regenjasje van moeders en fleecevest liggen op mij te wachten en de boots staan klaar voor vertrek. Gauw onder de wol want niet veel later zal de wekker al weer gaan. Moeders ligt in een deuk want wie gaat nou om half 2 een berg beklimmen... Ik dus (althans ga het proberen)!

Dag 5: De Horeb, overtocht naar Jordanie en slapen bij de bedoeïenen

Kwart over 1 gaat de wekker. Tandenpoetsen, opfrissen, okselklots onder de armen en aankleden. Laagje voor laagje zorgvuldig ingepakt. Tas op de rug, moeders een dikke zoen en dan gaat `ie. Oh, oh hoe zal het gaan. Ik had mij maanden voorgenomen zwaar in training te gaan. Maar verder dan de crosstrainer afstoffen kwam ik niet. En daar liep ik dan om half 2 ’s nachts: midden in de Sinai, met een conditie van een afgekeurd slachtpaard en nieuwe, nog niet ingelopen wandelschoenen. Zucht... Maar “mijn maatje” van de groep had mij verzekerd dat we het gingen halen en dat de rit op een kameel maken ons te min was. Met de troostrijke gedachte dat hij met peptalk mij de berg op zou praten en in geval van nood een stukje slepen begon ik aan het avontuur: De Horeb.

Met een warm kop koffie in de buik, gekregen bij de receptie voor vertrek, komen we aan bij het St. Catharina klooster. Het is Goede Vrijdag en dus volle maan. De zaklantaarn kan uitblijven want bij het schijnsel van de maan valt prima te lopen. We lopen een klein stukje en zien dan een heel veld vol met allemaal kamelen en hun begeleiders. Ze komen vragen of we een kameel willen. De verleiding is groot maar het moet toch maar niet. Drie van de groep die vanwege ouderdom en/of lichamelijk ongemak de tocht per voet niet aandurven gaan op een kameel naar boven. Ayman heeft ons een bedoeïenen gids mee gegeven. Vanuit de overheid mogen de gidsen zelf niet meer gidsen maar wordt dit tegenwoordig door de bedoeïen gedaan zodat zij ook weer een bron van inkomsten hebben.

En dan lopen we gaande weg omhoog. Je verwacht dat je moet klimmen maar dat is niet zo. Wel wat betreft hoogte natuurlijk, maar het pad is gewoon vrij vlak. We lopen en praten wat en gelukkig hebben “mijn maatje” en ik redelijk hetzelfde tempo. Dat is prettig want je wilt ook niet een blok aan iemand zijn been zijn. Een paar van de groep voegen zich bij ons en dat stimuleert positief. Zo nu en dan geeft iemand aan even te willen stoppen. Even op de plaats rust, soms even water drinken en dan weer door omdat je niet koud wilt worden en omdat weer starten dan zo moeilijk wordt. Na een tippel omhoog neem ik even mijn energie-drank en dat was verstandig van mij om uit Nederland mee te nemen. Je hebt geen enkele behoefte aan eten (de gids zei zelfs dat met eten in je maag het veel moeilijker sjouwen is) maar toch geef je op deze manier je lijf een extra stoot energie met zo’n flesje.

Het verbaasd mij dat je de hele weg mannen met kamelen tegen komt. Soms zitten ze in het donker te wachten en vragen je als je er langs loopt. Soms lopen ze een eindje met je op. Voor 10 euro brengen ze je tot onder aan de 750 treden. Dus altijd geld mee nemen en ook een paar dinar voor de stalletjes onderweg. Ondanks dat het nacht is zien we toch een prachtige omgeving. Op een gegeven moment zien we de drie kamelen van de groepsleden boven ons lopen. Je ziet alleen de contouren van de berg, het silhouet van de kamelen tegen de nachtelijke hemel met die volle maan en wat sterren. Hang er een grote ster boven en je hebt een kerstkaart. Prachtig!

Boven gekomen (hoera, hoera) drinken we daar als groep een bakkie. Ik had geen geld mee (want wie verwacht er nu een koek en zopie tent op zo’n berg?) en krijg een kopje van een van de groep aangeboden (waarvoor nogmaals dank), daar kikker je wel van op. Niet veel later zijn we compleet en willen we wel door. De bedoeïenen gids hebben we haast niet meer gezien en hoeven we nu ook niet. Daar denkt hij anders over en wil ons als groep naar boven hebben. Het tempo is te verschillend dus waar we kunnen lopen we door. Dit stuk is pittiger, maar best te doen. Je moet je voorstellen dat je een trap op moet en soms maak je een stap van een tree en soms van twee en dan weer 2 halve. Zo klim je de rotsblokken op.

Dan komen we eindelijk na 2,5 uur boven aan. Ik heb veel plezier gehad van mijn kleding, met name mijn zelfgemaakte moslima muts want die is doordrenkt van zweet en dat is mooi in het katoen verdwenen. Had er niet aan moeten denken dat de wind steeds langs mijn bezwete gezicht had gewaaid. De fleece vest was teveel, die heb ik van begin af aan om me heen geknoopt gehad. Dus een t-shirt met lange mouwen, een fleecetrui en winddicht jack waren voldoende om warm boven te komen. Boven aangekomen zien we een klein kapelletje staan. Er zijn al wat mensen voor ons gearriveerd. De gids vertelde dat er op andere dagen veel meer mensen er zijn. Voor hun begrip was het nu erg rustig. Voor ons dus een gelukkie. Ook zien we een heel aantal jongelui die liggen te slapen in een slaapzak. En er staat zelfs een piepklein tentje. Het is nog donker maar je kunt al goed zien waar de zon op gaat komen. Het fleecevest komt toch van pas want er is een mooi stuk rots waar ik wel kan zitten. Het fleecevest houdt de kou van de rots wat tegen.

Dan begint het wachten, maar dat is op dit plekje absoluut geen straf. Ondanks de nacht had je goed zicht op de ruwheid van je omgeving, maar bij het opkomen van de zon veranderd de omgeving voortdurend van kleur en wordt het beeld ook steeds helderder en scherper. Het geeft ook een stukje verbroedering daar samen op de berg. Wetend dat je allemaal de tocht hebt gemaakt en dat je samen een fantastisch uitzicht deelt.

Op het moment dat de zon boven de horizon klimt gaat er een “oooooooooh” over de berg. De grijze ruwe rotspunten krijgen een rode gloed door de eerste zonnestralen en deze kleuren nadien de komende minuten voortdurend tot dat de omgeving helder verlicht is. Het "oh" doorbreekt ook gelijk de verbondenheid want hoe lichter het worden hoe meer de mystiek van de nacht verdwijnt. Maar het uitzicht wat je er voor terug krijgt is overweldigend. En dan te bedenken dat Mozes hier in gesprek was met God. 40 Dagen en nachten sprak hij hier met Hem door. Je kunt je daar nu veel beter een beeld bij vormen. En je kunt nu heel ver het dal in zien waar het volk Israël gelegerd moet zijn geweest en waar zij de berg niet mochten aanraken omdat deze Heilig was op dat moment. En daar zit je dan zelf, met je goede gedrag.

“Mijn maatje“ maakt een mooie foto van mij waar ik de zon als een parel op mijn hand heb. Prachtig gelukt. Ook nog even een “I was there foto”. Dan wordt het tijd om terug te gaan. Het is moeilijk je te concentreren op het lopen en dan ook nog te willen kijken naar de prachtige omgeving waarin je loopt. Zo nu en dan stoppen we dan ook voor een foto. Na de 750 treden treffen we de 3 van de groep aan die met de kamelen waren gegaan. Zij zijn daar door iemand op een daalders plekje neergezet vanwaar zij ook de zon goed op hebben zien komen. Ze zijn erg blij dat ze toch op deze manier dit hebben mogen ervaren. “Waar moeten we langs”: vraagt mijn maatje en naar mijn idee volg ik het pad. Hier staat een bordje met een pijl richting “Monestry”. Dus lopen we weer met ons clubje naar beneden, maar dit is toch wel moeilijker dan de heen reis. Het dringt al snel tot ons door dat dit het moeilijke pad moet zijn.

Het pad der boetedoening dat 3300 treden naar benden telt. We roepen naar de anderen (oa die van de kamelen) dat dit de zware tocht is en dat ze terug moeten gaan. Ze keren om (zo lijkt het alleen maar, zal later blijken) en wij gaan door omdat we geen zin hebben om weer terug te klimmen en het makkelijke pad te nemen. Ons uitzicht ziet er ook veel belovend uit, dus gaan we met z’n vijven verder. Het wordt een prachtige tocht, meer dan geweldig, maar het zijn wel voortdurend beste stappen die je moet doen. 1,5 uur later zijn we dan ook beneden en mijn linker knie protesteert aardig. Het had ook niet langer moeten duren.

We gaan in de zon, op een mooie grote steen, zitten wachten op de anderen. Een paar Egyptische kinderen willen wat stenen verkopen maar ik heb geen geld mee. Ik zoek in mijn tas of er nog een verdwaalde snikker in zit en deel die met de jongens. “Good”, en een glimlach is ook wat waard. Ondertussen komen onze reisleider en de gids naar beneden via het eenvoudige pad. Geen mens van de groep gezien. Waar zijn die anderen dan? We wachten en wachten en dan ziet 1 van ons groepje boven aan de kloof waar wij weg kwamen mensen komen. Dat zullen ze toch niet zijn... Maar het blijkt wel zo te zijn. Ze hebben het pad niet terug kunnen vinden en op advies van één van hen dat het wel mee viel zijn ze ook dat pad gegaan. Je hart staat stil in je keel. Ayman regelt per direct 2 kamelen en stuurt deze naar boven om ze van de berg te halen. Veilig komen ze beneden, maar vraag niet hoe ze het gehad hebben. In de bus komen de verhalen los en dringt pas de volle omvang van het gebeuren tot je door.

We komen aan bij het hotel en gaan direct ontbijten. Snel onder de douche, de laatste spullen in de koffer en hop naar de bus. Schoon, vol en fris vertrekken we richting Nuweiba. We zetten Mahmoud af in de haven want die moet nog wat formaliteiten regelen. Met Ayman rijden we door naar een restaurant. Een prachtig visrestaurant in Griekse kleuren. Een gejuich stijgt op want iedereen lust wel een visje. We krijgen een heerlijk voorgerecht met tzatziki-achtig spul en aubergines met iets ondefinieerbaars er op. Deze zijn heerlijk. En dan krijgen het hoofdgerecht. Geen vis, maar voor de verandering eten we KIP, met rijst en zowaar wat chips. En weer een dikke sinaasappel na. Na de lunch vertrekken we naar de haven. We nemen afscheid van Ayman en de chauffeur. Dan de koffers uit de bus en een aantal jongens pakken de koffers. Ze willen baksjees, maar als ze dat niet krijgen smijten ze, ze weer op hun plek. Ze moeten echt 3 meter verder opgezet worden. Ja, zo kan ik ook mijn brood verdienen.

De koffers moeten op de lopende band, door de scan en dan weer in de bus. Zelf moeten we, het lijkt wel, een grote loods in. Daar moeten we weer zo’n naam etc. formulier invullen. Als we dit klaar hebben dan moeten we door naar zo’n hokje met douanier er in. En hoe netjes je ook schrijft in blokletters, ze weten het altijd weer beter en maggelen er weer over heen. We haasten ons richting bus en wachten we op Mahmoud. De boot staat op punt van vertrekken en dat geeft wat lichte paniek. De volgende gaat pas ’s avonds om 8 uur. Dan rijden we 10 meter verder en stappen uit bij de laatklep van het schip. Koffers er weer uit en die moeten we zelf de boot op slepen en ergens aan de zijkant zetten. We nemen afscheid van Mahmoud en gaan aan boord. De trap op en dan moeten we ineens ons paspoort afgeven. Als makke schapen doe je dat, maar geeft even later wel wat paniek in de groep. We zitten in rijen achter elkaar en ze draaien even later een vreselijke ouderwetse film uit de jaren 60. Als dit een beeld van het doorsnee leven is dan mag ik mij in de haven gelijk wel een burca aanschaffen.

Op de boot zitten ook een aantal geheel in het zwart geklede dames. Ondanks dat je er met je kleding rekening mee houdt voel je je wel wat ongemakkelijk. We gaan van boord en de koffers gaan in de bus. We leren Ahmed kennen die onze gids zal zijn gedurende onze trip door Jordanië. Een paar meter verderop moeten ze er weer uit en moeten we een grote hal in. Door de douane, koffers weer op de lopende band en dan nemen ze nog steekproefsgewijs 2 koffers die open moeten. Ook “mijn maatje” is de klos. Via de “achterdeur” gaan we er weer uit. Het is een of andere laadklep van een meter hoog waar we af moeten klimmen met koffer en al. Dan de koffers weer in de bus en kunnen we eindelijk de bus in. Ahmed heeft onze paspoorten en deelt deze uit. Je moet hem open houden bij de stempel die ze er ingezet hebben. Iedereen zit braaf klaar en dan komen er 2 politiemensen de bus in en controleren de stempels. Alles oke en dan kunnen we eindelijk rijden. Je doet niks zo’n dag: rijden, douane gedoe, varen, douanegedoe, maar je wordt er bekaf van. Je kan beter de Horeb beklimmen dat is minder vermoeiend (kan ik nu zeggen hahaha).

We rijden via Akaba en gaan dan door naar de Wadi Rum waar we, een uur later, in het donker aankomen bij onze bedoeïenen tent. We slapen dus niet echt bij bedoeïenen zo blijkt en we hoeven er dus ook niet uit ’s nacht en bij de slapende kamelen langs om ergens in de woestijn een kuiltje te graven voor onze behoefte. Het blijkt een zeer gezellige, sfeervolle maar commerciële tentenkamp te zijn. Grote bedoeïenententen staan in een u-vorm gerangschikt en daar hebben ze met tentdoek kamers ingemaakt waar 2 houten bedden in staan. Aan de andere kant van het slaapgedeelte is een gezellige zit rond een kampvuur gemaakt, staat een open bedoeïenen tent wat je de gelegenheid biedt om wat uit de wind te zitten en er staat een wat dichtere tent met banken bedekt met kelimkleden etc.

Akaba, Jordanië
Akaba, Jordanië


Daarachter zijn de toiletgebouwen en een douche. Er staat een olielamp vooraan en “als je moet” dan neem je deze mee het toilet in. Ach, het heeft wel wat. Het hele terrein wordt met olielampen verlicht. Hier en daar staat een gaslamp te schijnen, maar al met al maakt het een gezellige indruk. Er staat een soort marktkraam stalletje waar men niet veel later grote plastic schalen opzet, met folie afgedekt, met de meest heerlijke dingen. Salades, sausjes, broden, rijst en spiesen van de barbecue. Overheerlijk en uit de kunst verzorgt. Ahmed geeft aan dat je in Egypte ziek kunt worden van het eten, maar dat dit in Jordanië absoluut niet het geval is.

Na het eten worden we uitgenodigd om nog even bij Ahmed en de anderen in de tent te komen zitten. Ze hebben een lekker vuurtje gemaakt en de mannen beginnen op hun instrumenten te spelen en zingen er Jordaanse liederen bij. De waterpijp wordt vredig gerookt en het duurt niet lang of ik vraag aan Ahmed of hij deze wil demonstreren aan de groep en de mannen onder ons volgen al snel zijn voorbeeld. Zelfs een paar dames willen deze kans niet voorbij laten gaan. We hebben nog wat lol en gaan dan richting de tent. Het is wel eeeeeeeeeeeeerg koud en we besluiten dus maar gekleed in ons meegebrachte dekbed hoes te kruipen. De 2 dekens van hun bieden niet veel soelaas. De pyjama krijgt de functie van muts en klappertandend brengen we de nacht door in de hoop dat de zon vroeg opkomt en snel ons tentje zal verwarmen.

Dag 6: Wadi Rum en terug naar Akaba

Stijf van de Horeb spierpijn en van de kou klimmen we ons bed uit. Als 2 Quasimodo’s bereiken we de wasbakken waar we ons aan een primitieve opfrisbeurt onderwerpen. We pakken de koffers zover in en gaan dan op een bank zitten voor de bedoeïenen tent. We laten ons heerlijk opwarmen door de zon. Nadat men alles klaar gezet heeft voor het ontbijt, doen we ons aan al het lekkers tegoed. Dan staan de 4x Wheel jeeps al klaar en zoeken we een mooi plekje uit achter op de bak.

En dan rijden we de Wadi Rum in. Dit is wel zo’n indrukwekkende mooie tocht. Zo’n overdonderende schoonheid, niet in woorden uit te drukken. Grillige rotsen steken boven het zand uit. Hier en daar een klein wit wolkje aan de blauwe lucht en een groen polletje in het zand. Waar we ook even een stop maken, raak je onder de indruk van deze natuur. Af en toe neemt de chauffeur een zandheuvel met veel plezier waardoor je af en toe even van je bank omhoog komt. We komen zelfs een keer stil te staan omdat er zand in de benzineleiding is gekomen. De chauffeurs hebben elkaar echter goed in de gaten en keren snel weerom als een van hun maatjes strand. We zien wel enige begroeiing. Er staan wat broccoli-achtige planten. De gids vertelt dat de herders de kuddes hier om de week van laten eten. Ze zijn namelijk erg giftig. Met deze dosering redden de schapen het wel. Ook zien we een prachtig paars bloemetje wat veel weg heeft van een hyacint (tarthouth heet het).

Wadi Rum woestijn, Jordanië
Wadi Rum woestijn, Jordanië


We stoppen halverwege en dan stappen de chauffeurs uit om wat droog hout te sprokkelen. Binnen een mum van tijd hangt er een keteltje met water boven en zitten even later achter een heerlijk kopje thee. Mijmerend tegen een jeep kun je in deze omgeving een goede voorstelling van maken hoe Mozes hier met zijn hele volk langs moet hebben getrokken. We stoppen onderweg ook nog bij een aantal inscripties in de rotsen. Vele honderden jaren oud en gemaakt door nomaden die hier in de woestijn vertoefden. Italiaanse deskundigen hebben al deze inscripties onderzocht. Ook wijst de gids uitgeslepen kuiltjes aan in de rots waarmee de bedoeïenen/ nomaden elkaar vertelden hoelang de afstand was tot de volgende waterbron. Na de 3 uur durende tocht zijn we weer terug bij ons tentenkamp waar alweer een heerlijke lunch op ons staat te wachten. Een stevige windvlaag dreigt letterlijk en figuurlijk zand in het eten te strooien, maar het wordt op tijd afgedekt.
Wadi Rum, Jordanië
Wadi Rum, Jordanië


Na alweer een verrukkelijke maaltijd, krijgen de liefhebbers de gelegenheid om even op een kameel te rijden. Het stond in de gids dat dit mogelijk was en aangezien ze bij de piramides zo vervelend zijn, grijp ik hier mijn kans. Mijn schoonzusjes hadden mij al verteld dat het beest zo apart op staat waardoor je dus eerst heel erg naar voren gaat en later helemaal achter over hangt. Gewapend met deze info stuur ik mijn moeders (68) op een kameel af met de troost dat ik van haar een mooie foto zal maken voor in het plakboek. Ik had verwacht dat ze zou tegensputteren en had thuis in Nederland al 27 overtuigende redenen bedacht om haar als nog er op te krijgen, maar zonder tegen te sputteren stapt ze zowaar op zo’n beest. Mam ik ben trots op u!! En onder een hoop gegiechel en veel ge “oei” van haar, stijgt het beest op en hobbelt daar mijn moeders door de woestijn. Ach, doe eens gek. En onder het toeroepen van vele tips, hoe ze zich moet vast houden, zakt even later de kameel weer door de benen en stapt als een volleerd rodeorijdster van het beest. Super!

Dan valt mijzelf de eer te beurt en even later maak ik op “het schip van de woestijn” een ommetje en kan ook ik zeggen “ik heb op een kameel gereden”!
De bus staat klaar en de koffers gaan er weer in en vertrekken we richting Aquaba. Ons hotel ligt prachtig aan de boulevard. We krijgen een kamer met 2 vertrekken. Na zo’n nacht in de woestijn, geen ochtend douche en zo’n stoffige rit is het heerlijk om een tijdje jezelf in de badkamer te vermaken. Maar zelfs na zo’n schrobbeurt ontdek ik bij het afdrogen nog het fijne woestijnzand in mijn oren.

“Zo schoon mogelijk” gaan we op zoek naar een bank. “Mijn maatje” heeft er al 1 gevonden en wijst ons de weg. We lopen langs vele winkeltjes en ontdekken al snel dat het aanbod hier heel anders is als in Egypte. Met name in Aquaba kun je goed terecht voor gouden en zilveren sieraden, maar ook merk horloges. In Akaba is een belastingvriendelijk klimaat. In het hele land is het 19% en daar maar 6%. We pinnen even en met 2 van de groep, die we daar ontmoeten, gaan we even shoppen. We ontdekken in een winkeltje leuke kleding en om en om maken we gebruik van hetzelfde kleine kleedhokje, met als resultaat dat we beide met een leuke jurk naar huis gaan.

We wandelen terug en het valt ons op hoeveel relaxter het hier is. Geen vervelende verkopers, geen bedelende kinderen. Iedereen komt zoveel vriendelijker over. Het is hier aangenaam gemoedelijk. Ook bij een zaak, waar je voor de 2e keer langs komt, maken ze daarover een leuke opmerking naar je. We winkelen verder, vergapen ons even aan een vitrine van een slager waar de geiten in hun blote niksjes op de kop hangen. Moeder moet gelijk weer aan dat ontvelde konijn in Kreta denken en ze schiet pardoes in de slappe lach waarop ik haar mee trek naar wat minder humor opwekkende winkeltjes. We kopen wat fris en nootjes en gaan even bij de boulevard kijken. Ik ben echter nog steeds helemaal stijf van de Horeb-klim en ik kan met goed fatsoen de trappen niet afkomen naar beneden. En om niet bij mijn eerste openbare wandeling met een “de broek vol” houding de trap richting strand af te moeten strompelen gaan we maar weer terug naar de hotelkamer om daar de benen maar weer in te smeren met SRL gelei, begeleid met de nodige rek en strekoefeningen.

Na een heerlijk maaltijd bestaande uit linzensoep, vis met gebakken brood, aardappelen met kerriebloemkool, gehaktballetjes met paprika enz gaan we even internetten met het thuisfront. Maar ja, ik stoor manlief net onder Nederland-Roemenie, en ook al ben je dagen weg, dan sta je als vrouw gelijk met 1-0 achter. Ik gooi dus maar een dikke mail zijn kant op en is hij even weer bijgepraat. Welk internetcafé ik ook ben geweest, en dat zijn er over Egypte en Jordanië al heel wat geweest, zitten altijd erg aardige en behulpzame jongens. Deze hier biedt mij zelfs een kop koffie aan. Maar als hij hem brengt lijkt het wat donker en vraag ik om wat extra melk. “Is goed” en weg is hij. Komt even later terug met een blikje koffiemelk (speciaal voor mij gekocht). Onze gids Ahmed komt langs en voegt zich bij ons. En voor je het weet is het zo 2 uur later dus op een drafje naar moeders. Deze even bijgepraat en dan gaan we lekker onder de wol.

Dag 7: Akaba

Vandaag is het zondag en dan heeft deze organisatie geen programma. We lopen dus na het ontbijt een tijdje bij de boulevard langs. Ontdekken een soort winkelcentrum en gaan daar even op souvenir jacht. We kopen een soort patchworkachtig kleed en een paar mooie kralen voor moeders en gaan terug voor de lunch. Dan kleden we ons om en kopen bij de receptie een kaartje voor het Barracuda beach (4 dinar). Het is ongeveer een kwartiertje lopen bij ons hotel vandaan. We komen nog voor bij een opgraving. Hier liggen de restanten van de oudste kerk ooit gevonden. Bij het strand aangekomen laat je daar je kaartje zien, loopt door een prachtige hal waar toiletten en omkleedruimtes zijn en dan kom je uit op een daalders plekje. Er is een restaurant met mooi terras waarop onder andere verscheidene hangmatten staan. Aan het strand staan mooie rieten parasols en grote ligstoelen met matras en kussen. Jongens lopen langs voor vragen en controle op het zwemmen en anderen voor het brengen van consumpties.
Het is daar heerlijk zwemmen en zonnen. Thuis daarna lekker afgedoucht, gegeten en op tijd op bed.

Dag 8: Glasboot en naar Petra

Vandaag is het 28 maart en mijn mannetje is jarig. Moeders feliciteert mij en dan gaan we naar beneden voor het ontbijt. De groep had daar lucht van gekregen en voor dat ik het weet zit ik op een met ballonnen versierde stoel en zingen ze voor mij. Felicitaties volgen en van “mijn maatje” mag ik als cadeau even naar huis bellen. Geweldig. Ik moet altijd lachen om die mensen die bij het programma Robinson even een minuutje met thuis mogen bellen... Ik zal dat nu nooit meer doen omdat ik nu weet wat voor effect zo’n belletje heeft hahaha.

Dan zeg ik tegen moeders dat ik nog even geld ga halen. De bedoeling is om wat euries te ruilen en hop ik dus de bank in. Meer dan 20 Hassans met rode theedoek op het hoofd kijken mij vanuit grote leren fauteuils aan. (Slik), ik ben al weg en neem toch maar liever even het pinapparaat. Maar dat ding is net een fruitmachine. Hij spuugt echt zijn bonnetje uit en het is dan ook een kunst om dat ding nog te vangen. 2 Jordaniërs in een stuip achterlatend ga ik weer terug naar het hotel om even later met Ahmed en de groep naar het strand te lopen. We gaan vandaag een tocht maken met de glasboot. Goed ingepakt trotseren we de ruwe zee.

We varen bij de grote zeeschepen langs die in de haven liggen. De jongens van de boot manoeuvreren zo nu en dan ons bootje er tussen om daar prachtige stukken koraal te laten zien. Raar gezicht hier. Prachtige stukken koraal met visjes en al en even verder, waar geen koraal meer is, liggen banden, verloren ankers enz. We varen richting de “Japanisch Botanic Garden”. De zee is nog steeds ruw en men wordt al wat koud. Dus de gids geeft ons 10 minuten om even te snorkelen. Dit is de kans van mijn leven en ondanks de ruwe zee wil ik het proberen. Ik kleed mij uit en spring met snorkel en al in het water. “Mijn maatje” krijgt waterflippers en is al weg. Voordat ik de jongens op de boot aan het verstand heb gebracht dat ik geen flippers heb ben ik al moe van het watertrappelen. Ik krijg één flipper, het is niet anders... Zenuwen in bedwang en je kop maar in het water. Dan moet je als mens iets heel onnatuurlijks doen, onder water ademhalen. Het kost mij even wat tijd om de rust in mijn lijf te krijgen. Maar de zee werkt niet mee en om de haverklap heb ik een gulp water in mijn snorkelpijpje. Dat er weer uitblazen, maar toch krijg je ongewild wat van dat zoute water binnen. Door de wind begin ik al aardig af te drijven en met één flipper kun je niet watertrappelen en amper flipperen. Ik geeft mijn camera aan een van de jongens die mee het water in gaan en ga weer richting boot. Dat is een hele klus met deze golfslag en echt leuk kan ik het niet meer vinden. Maar ja, ik heb gesnorkeld, maar vraag niet hoe. “Mijn maatje” komt terug met verhalen over het prachtige koraal, dat hadden we toch even anders moeten afspreken.

We varen terug en leggen aan bij een stuk strand voor de lunch. De zee is hier heerlijk rustig en de gids geeft aan dat hier voor de kust ook prachtig koraal ligt. Dus maar weer proberen. Weer met zo’n snorkel op het water in en drijven... Ik drijf op een stuk koraal af waar 2 grote zwarte zee egels al verlekkerd naar mij zwaaien. In paniek, dat ik gestoken zal worden, spartel ik snel de andere kant op om het onheil af te wenden. “Mijn maatje” en de gids staan mij met volle verbazing aan te kijken. “Wat nu weer”?! ”Ik ben bijna lek gestoken, jullie ook met je gesnorkel”...

Nadat ze uitgelachen zijn, mij er van overtuigd hebben dat alles wat hier leeft niet prikt (ik weet nog niet of dat een leugentje om bestwil was) ze me volgestopt hebben met peptalk sla ik het “onder toezicht mogen snorkelen” aanbod af en probeer mij te vermannen. Weer het water in, kop voor over en ademen en het lukt! En het duurt niet lang of ik hang boven het koraal. En dat is zo onbeschrijfelijk mooi. Vissen komen langzaam voor de dag. Grote, kleine en de één nog bonter dan de ander. Je kunt er gewoon geen genoeg van krijgen, waanzinnig mooi. Het even doorzetten is het meer dan waard. En al weer een bijzondere ervaring rijker drijf ik naar het strand en voeg me bij de anderen die allemaal keurig op een rijtje zitten.

De jongens van de boot vragen wat we willen “kip of vis”. Binnen een mum van tijd komen de jongens met plastic borden aanzetten met daarop het door een ieder bestelde. En daar zit je dan op het strand, in de zon, met een plastic bord met een kippetje, gebakken aardappelen en paprika, en met rauwkost. Ik zit mij nog te verbazen over waar ik zit en met wat ik zit op schoot, tot ik een gilletje naast mij hoor. Moeders heeft ook net haar grote platte brood opgetild, die de maaltijd bedekte, en ze ziet tot haar schrik dat het een vis is met alles er op en er aan. “oei jakkie, deze heeft zijn ogen er nog in zitten”. Maar goed: “doe weer eens gek” en moeders probeert het. “Ik heb altijd gezegd dat ik dat nooit zou eten en moet je me nu eens zien” mummelt ze naast me. Heerlijk, wat een mooi moment. Het zijn de kleine dingen in het leven die het doen en dit is er zo eentje.

Dan gaat het hele zwikkie weer op de boot en waarschuwt Ahmed dat we tegen de golven in moeten en dat we nat gespat kunnen worden. We schuiven zo ver mogelijk naar achteren en, vooraanzittend, verstop ik mij achter een grote handdoek van 1 van de groep. Het geeft de nodige commotie op z’n tijd. Zo nu en dan valt de boot uit en dobberen we stuurloos rond. Hij krijgt hem gelukkig steeds weer aan de praat. De andere boot heeft dezelfde kuren, maar die valt op een gegeven moment definitief stil omdat de benzine op is. Onze boot neemt hem op sleeptouw. Het lapje stof uit de benzine tank in combinatie met de brandende sigaret, de ruwe zee, en het verlate tijdstip maakt het laatste gedeelte iets spannender dan de bedoeling was. De ingeroepen hulp van 2 andere boten blijkt gelukkig niet nodig en op eigen kracht redden de boten het. Meer dan een uur te laat komen we aan bij het hotel. Als een speer douchen en de koffers naar beneden omdat we nodig naar Petra moeten vertrekken. 1,5 uur te laat vertrekken we om na 2 uur in Petra te arriveren.

Ahmed verteld onderweg een hoop over het ontstaan van Jordanië en o.a. hun koninklijke familie. We checken in en gaan dan heerlijk dineren. O.a. falafel. Heerlijk. Nadien nodigen “mijn maatje& vrouw” ons uit om Petra te verkennen. We nemen de uitnodiging niet aan omdat we “de piep oet hebn”. We drinken nog een kop koffie met Ahmed en na een boeiend gesprek duiken we even later voldaan onder de wol.

Dag 9: Petra

Half 7 op, 7 uur ontbijten en om 7.30 rijden we naar Petra. Onze reisleider is ziek en Ahmed vraagt mij of ik met hem wil gidsen. De groep vindt dit ook oké en neem deze taak vandaag voor mijn rekening. Terwijl Ahmed de tickets koopt zoekt iedereen zijn petje op of schaft er nog snel een aan in de souvenirwinkeltjes. De zon brandt al aardig, dus dat beloofd wat. De eerste 750 meter mag je te paard. Als fooi moet je aan het eind de jongen die naast je paard loopt 1 dinar geven. Van anderen horen we later dat het paard 7 dinar kost, maar deze ervaring hadden wij dus niet. Ik stel moeders voor om met paard te gaan en ook hier hoef ik er niet tegen te praten en zit ze voor ik het weet al op de knol. Gezellig naast elkaar rijden we richting ingang van de kloof: “zie ons nu weer eens“.

We staan aan het begin van de kloof en Ahmed wijst ons op de waterleiding die men vroeger heeft uitgehouwen in de rotsen. Links was voor het wassen van de groente en drinken van de dieren. De rechter was voor menselijke consumpties want men heeft daar vroeger een keramische laag in aangebracht zodat gruis niet meegevoerd zou worden. Hier en daar zie je nog een stuk van de buis zitten. Dan lopen we de Siq in en deze schoonheid is overweldigend mooi. De rotsen zijn ruw en op sommige plaatsen glad, het lijkt wel gepolijst door zand en wind. Daardoor zijn de meest fantastische kleuren bloot komen liggen.

Petra
Petra


Onderweg zien we in de rotsen façades uitgehouwen ter verering van de goden Dushara en Al-Uzza. Ook staat er een soort offerplaats en zien we een halfvergaan beeld van een Nabarteense man uit de muur steken met nog de resten van 2 kamelen achter zich. Beetje mysterieus, hij lijkt zo uit de rots te komen. De weg is vrijwel glad, maar hier en daar ligt nog het oude plaveisel. De Siq is 1200 m lang en de rotsen kunnen een hoogte bereiken van 100 m. En dan sta je plotseling oog in oog met de beroemde “schatkamer” (Al-Khazneh) De Treasury. Het 40 m hoge en 28 m brede gebouw is echt fascinerend. Overweldigend mooi. We krijgen even de tijd om het op ons in te laten werken en er foto’s van te maken. Ahmed geeft uitleg over het ontstaan en de betekenis van dit gebouw. We lopen verder.

De omgeving ziet er nu anders uit. De Siq is nauw en nu lopen we tussen rotsen in wat veel weidser is en waar aan weerzijde façades en gebouwen uitgehouwen zijn in de rotsen. Vele zijn al aangetast door de tand destijds. Dan komen we op een opener terrein waar links een kraampje staat waar je flesje met zand kunt kopen. De flesjes zijn er in verschillende maten en gevuld met prachtige voorstellingen en/of mozaïeken. Je kunt er ook een flesje uitzoeken waar je een papiertje opplakt met de naam die ze er in moeten maken. Leuk voor een souvenir voor de (klein) kinderen thuis. De flesjes in Petra staan bekend om hun gebruik van zand met natuurlijke aarde en dito kleuren. Naast deze kraam staat een tent waar je wat kunt drinken en waar ze het zilver verkopen van de Koningin Noor Foundation. Dit is door Koningin Noor opgezet om de kansarme en de bedoeïenen vrouwen een bron van bestaan te geven. We bekijken links in dit gedeelte van Petra de mooie uitgeslepen rotsen. Prachtige gekleurde patronen.

We vervolgen de brede kloof en lopen langs het theater. Even rechts daarvan is een restaurant en daar nemen we een kop koffie. Bedoeïenen mannen komen langs met boeken en sieraden. Na deze rust en sanitaire stop splitst de groep zich in 2en. De mensen die moeilijk ter been zijn volgen het pad en worden verzocht verderop onder de 450 jaar oude pistache boom te gaan zitten. Wij klimmen bij een pad omhoog om dan onder aan een trap te komen die ons naar de Urn graf brengt die in latere jaren de functie van kerk kreeg. Niks te zien maar een prachtige akoestiek. Met een prachtig lied proberen we dat uit. Het levert ons een applaus op van toeristen die daarom naar binnen komen om naar ons te luisteren. Van de hele vakantie heeft dit moment een onuitwisbare indruk op me gemaakt. Heel vaak hoor ik nu een lied en vraag mij dan af hoe het daar zou hebben geklonken. Daar weten we samen niet zo snel een ander mooi galmend liet en laten het hier maar bij. Buiten gekomen staat er een man gekleed in prachtig militair feestkostuum. Kosteloos kan je even met hem op de foto. Zo heel anders als in Egypte waar ze overal " baksjees" voor vragen. We hebben een mooi en wijds uitzicht.

Ahmed wijst ons nog een rots aan waar resten gevonden zijn van de beschaving van de Edomieten. Ook kun je hier vandaan net een klein puntje zien van het “Ed-Deir” waar je heen kunt lopen. Beneden gekomen (na moeders weer langs alle bedoeïenen kraampjes gesleept te hebben/ kocht er onderhand haar 4e ketting) voegen we ons bij de anderen. We lopen nu over een door de Romeinen aangelegde brede weg met aan weerszijden de resten van pilaren. Een gedeelte van een triomfboog staat er nog. Restanten van een tempelplein met tempels zijn duidelijk herkenbaar. Ahmed geeft wat uitleg en na dit alles vertaald te hebben gaan we naar het restaurant aan het eind van de kloof/dal. We hebben daar een heerlijk lopend buffet met de meest fantastische gerechten en ze brengen vlees van de grill. Dan krijgen we vrije tijd om de middag naar eigen wens in te vullen.

Een gedeelte van de groep besluit de tocht te maken naar het klooster. Dit duurt ongeveer een uur (800 treden) en een dik half uur weer naar beneden. Er bestaat de mogelijkheid om een ezeltje te huren en dan ben je met 20 minuten boven. Van moeders hoeft het niet zo en zelf heb ik er geen anderhalf uur voor over om 1 gebouw te zien, mede omdat veel hier op elkaar lijkt. We doen een poging om een opgraving van een oude kerk te bekijken waar een tent over heen gespannen is, maar daarvoor moet moeders teveel klimmen en dat lukt niet. We gaan daarom rustig aan ons pad terug die we gekomen zijn. We zitten een tijdje heerlijk onder de pistache boom. Een oude baas heeft daar zijn kraampje en we mogen een foto van hem maken en genieten van de warmte en van zijn oosterse muziek uit de radio van hem. Menig toerist komt langs op paard, kameel of te voet.

Onderhand is de zon verder gedraaid en de kerk waar we vanochtend gezongen hebben ligt nu geheel in de zon wat een prachtig en ander beeld geeft als vanochtend. We lopen weer terug naar het restaurant en nemen nog weer zo'n heerlijk kop Nescafe koffie. De verkoper wil moeder graag een armband slijten maar welke hij ook haalt ze passen niet om de polsen. We scharrelen op ons gemakkie nog even bij de souvenir kraampjes langs en gaan dan even het theater bekijken. Via de Koningin Noor tent en nadat we ons gevulde flesje hadden gehaald lopen we weer naar de Treasery. Deze heeft weer een hele andere kleur omdat de zon er nu anders opschijnt. We bemachtigen daar een bankje en kijken naar de toeristen en de koetsjes die af en aan mensen wegbrengen naar de begin van de kloof. Het duurt niet lang of er komen meer terug van de groep en lopen we zachtjes aan de Siq weer in. Ook deze ziet er weer heel anders uit nu de zon weer anders in de kloof schijnt. Hier en daar staat een bankje waar we van ons uitzicht genieten en we ook op uitrusten omdat deze 1200 meter toch gestaag omhoog loopt. Aan het eind gekomen lopen we het gedeelte dat we de ochtend met het paard gedaan hebben. Al met al wel een tippel om weer aan het begin te komen. Daar staan de fotograven die foto's van ons gemaakt hebben van ons paardenritje. En zowaar....... ik krijg hem gratis omdat ik de "tourleader" ben. Dat was mijn salaris van de dag hahaha.

We pakken een lekker plekje in de zon en wachten tot de groep compleet is. In de tussentijd is een oude Jordaanse baas naast me komen zitten. Hij praat honderd uit tegen me maar ik krijg het hem niet aan het verstand dat ik hem niet begrijp. Geen idee waar het over ging, maar lol dat we hadden allebei.
We zijn allemaal voor de afgesproken tijd bij de bus en zijn daarom op tijd weer terug in het hotel. Lekker douchen en de koffers inpakken. We eten weer uit de kunst en nemen dan de uitnodiging van mijn maatje & zijn vrouw aan om even het dorpje Petra te bekijken. De eigenaar van het hotel laat ons even naar het dorp brengen.

We wandelen wat rond en steken hier en daar onze kop ergens naar binnen. Op een hoek van een straat vinden we een schoenmaker. Met drie man werken ze op 1 m2 en ze hebben dik lol dat we komen kijken. Bij een kleermaker even verder op de zelfde gastvrijheid. Ze laten zien wat ze maken en nemen alle tijd. We vergapen ons in een bakkerij aan schalen vol met lekkere dingetjes die we herkennen van de uitgebreide toetjesbuffetten. Dan lopen we langs een parfum zaak waar de eigenaar net een Jordaniër er onder staat te spuiten met behulp van een grote plastic spuit. “Mijn maatje” moet dat even van dicht bij te bekijken. Met een grijns op het gezicht beneveld de beste man hem. De hele winkel ruikt er na en dan worden ook de dames uitgenodigd. Normaliter kan ik met mijn moeder niet normaal de V&D inlopen zonder dat ze 24 testers over mij heen heeft gespoten, maar zelfs deze vorm van bestuiving is zelfs haar te heftig en we laten het graag voor wat het is.

Dan gaan we naar de rotonde waar een gezellig restaurantje aan gelegen is. Zij zijn hier de avond van tevoren al geweest en hebben zich kostelijk vermaakt over de bediening. Hij besteld met een lach op zijn gezicht weer 4 cappuccino en zegt: ”en nu moet je opletten”. De jongen neemt met veel bla bla de bestelling op en heeft in “Mijn maatje” een vriend gevonden. Hij geeft instructies aan de jongen binnen, deze loopt daarop naar de overkant en haalt daar 4 cappuccino in kartonnen bekers op. Giet deze over in nette kopjes en het geheel wordt opgediend met allerlei zoet hapjes die we toch vooral even moeten proberen. Dit aanbod was natuurlijk gastvrij bedoeld maar had blijkbaar ook een lobbyende functie, want niet veel later meld de jongen zich bij “mijn maatje”. Hij moest nodig eens praten met zijn vriend. Het hoge woord komt er uit en het blijkt dat hij het nogal oneerlijk verdeeld vindt in de wereld. “Mijn maatje” is met drie vrouwen op stap en hij is nog druk aan het werk om zich 1e te kunnen veroorloven. Of er niet te onderhandelen viel, hahaha. Gelukkig voor ons werd er van dit aanbod geen gebruik gemaakt en werd “geen van ons drieën in een kofferbak afgevoerd richting een “harem”, maar het zal altijd in het midden blijven hangen op wie anders de keus was gevallen en voor hoeveel kamelen...

Dag 10: Dode Zee, Nebo en Amman

Om 7 uur staan we op, douchen, ontbijten en om 8 uur rijden we weg bij het hotel richting het Noorden. We gaan eerst op weg naar de Dode zee. Onderweg stoppen we even bij een gebouwtje. Binnen zien we een rots en een waterstroompje. Volgens overlevering zou dit de plek zijn waar Mozes op de rots sloeg ipv er tegen te spreken. Als straf mocht hij daarop van God niet het Beloofde land in. We maken na een uurtje even een pitstop. Bij een prachtig wegrestaurant in echte oosterse sferen doen we weer even een bakje Nescafe koffie. Er zit een winkeltje aan gekoppeld en daar hebben ze al dode zee producten.

Ahmed weet een beter adresje voor ons dus we houden ons in. We ontdekken wel een tafel met weer hetzelfde prachtige patchwork borduursel en nu hebben ze er ook lopers van voor op de tafel. We kunnen redelijk handelen met de beste man en we maken met een groepje een mooi dealtje met hem. Voldaan stappen we de bus in om richting Kerak te gaan. We hebben de keus om dit ford te gaan bekijken maar lopen dan het risico om straks te laat te zijn op de berg Nebo omdat ze daar wat eerde sluiten ivm het winterseizoen. Iedereen is zo verstandig om tevreden te zijn met een foto-stop en we laten het ford voor wat het is. We rijden richting de Jordaan vallei en wat opvalt is dat het landschap al veel groener begint te kleuren. We arriveren op “zero level” en maken vandaar een foto. Even later dalen we af omdat de Dode Zee 400 m onder de zeespiegel ligt. Bij sommigen is dit dus voelbaar aan de oren omdat de druk toeneemt. Ook zijn er wat waterflessen die vanwege de druk gaan vervormen. De weg richting de Dode Zee is vrij geestdodend maar de rit duurt niet al te lang. We stoppen bij de Dode Zee bij een prachtig ressort. Een schitterend restaurant serveert ons daar de lunch. Het is moeilijk kiezen want er staat weer zoveel lekkers en het toetjes buffet lacht ons al toe. Daar staat zo ontzaglijk veel lekkers op dat we besluiten om maar 50/50 te eten. 1 bord warm en dan op naar de toetjes. Cake, chocola, pudding, reuze kokosmakronen en mousse.

Dode zee, Jordanië
Dode zee, Jordanië


We mogen ons omkleden in een badhokje en leggen onze spullen bij elkaar waar de gids op zal passen. We gaan een lange trap af en lopen over een strand met wat steentjes (slippers vergeten, au) en komen dan bij het bewuste water aan. We overladen 1 iemand van de groep (die er niet ingaat) met al onze camera`s en 1 voor 1 drijven we in allerlei standjes voor onze camera langs. Rustig op onze rug dobberend proberen we het uit. Handen omhoog enz. Moeders vind het prachtig, ze heeft een hekel aan water maar dit moet je toch wel even mee maken. Zelf heb ik gehoord dat de modder goed is voor je huid. Terwijl ik wat van de bodem haal, had er al een lichtje moeten gaan branden. Het ruikt heel baggerachtig maar voor ik er erg in heb zit ik er al onder en smeer ook moeders er voor de foto mee in. Onderhand zit ik er nog niet zo heel lang in maar “het zachtste vlees aan een vrouwenlijf” begint wat te protesteren. Dus spoel ik het modder er af en ga het water uit.

Moeders vind het ook welletjes en denkt "kom ik zwem even naar de kant, want dat gaat sneller als drijvend” Fout natuurlijk, want terwijl ze zich voor over laat glijden gaat alles omhoog. Poepert, benen etc en dat dwingt haar hoofd om haast koppie onder te gaan. Ze krijgt de benen niet zo snel weer naar beneden en even slaat de paniek toe. Eer ik bij moeders ben heeft ze al wat zoutwater in haar oog en neem ik haar snel mee naar de douche boven aan het strand. Het valt gelukkig mee, maar wat niet meevalt is het baggerluchtje op ons lijf. Nou we zullen wel geen last van vliegen krijgen.

We hebben nog even dik een half uur en gaan aan het prachtige zwembad liggen. Even omkleden en dan tuft de bus weer verder. Deze brengt ons naar de berg Nebo vanwaar Mozes het Beloofde land mocht over zien voor hij stierf. Er staat een kerk waar we even een kijkje innemen. Ook maken we een foto van het herkenningspunt (het kruis met de slang) en hebben dan een wijds uitzicht. Het is heiig maar we zien toch nog de Dode zee en Jericho. Er staat een bord wat je precies verteld wat je waar ziet o.a de olijfberg bij Jeruzalem en Bethlehem enz.

Kerkje op Nebo
Kerkje op Nebo


De anderen trekken zich terug in de kerk en dan is er niemand meer, alle andere toeristen zijn ook al weg. En dan sta je daar helemaal in je uppie waar Mozes zoveel jaren voor je heeft gestaan. Mijmerend over de reis door de woestijn, fantaserend over hoe het volk het beloofde land in zal nemen en wetend dat God je elk moment tot zich kan roepen. Dat doet wat met zo’n klein nietig mensenkind als mij. Een traantje wegpinkend leun ik heerlijk tegen zo’n firmament aan en over zie de omgeving. Wat een geweldig en sereen moment. Dat nemen ze me niet meer af.

Weer in de bus en op naar Madaba. De bus wordt ergens op een parkeerplaats neergezet en dan moeten we een tijdje achter Ahmed aanlopen. We slingeren door wat straatjes en komen dan bij de bewuste kerk. Er zit een zaaltje bij met stoelen en een replica van het mozaïek waarop de eerste christenen het Heilige land maakten. Alle christelijke plekken van betekenis staan er op. Ahmed wijst ze aan en vele zijn herkenbaar. Ook kun je precies de reis van Mozes zien en de reis die wij dus gevolgd hebben. Na deze uitleg gaan we de kerk zelf in om er foto’s van te maken. Wel leuk om te hebben gezien maar ben er niet helemaal kapot van, maar het kan zijn dat ik “te vol” zit na zoveel indrukken op 1 dag.

Waterval bij Madaba
Waterval bij Madaba


We rijden naar ons hotel in Amman. Na de douche gaan we eten. Als vermaak heeft men een jongen geregeld met een viool. 10 Mensen met een viool in een concertgebouw is wel leuk, maar een aankomend student in z’n eentje op een podium in een restaurant is nu eenmaal niet iets waar ik honger van krijg. Maar goed, voor elk wat wils. We zitten te ver van een internetcafé af en ga ik maar even internetten in het hotel. Deze heeft echter geen msn gedownload maar daar komen we met 2 Jordaniërs een half uur later pas achter. Dus maar een dikke mail de deur uit en dan is het niet anders. Maar snel weer moeders opgezocht. Een briefje niet storen aan de deur. Flauwekul! Klop, klop, klop... niks, dus nog maar eens weer. Maar hoe ik ook klop, er wordt niet open gedaan. Even in het restaurant gekeken maar daar is ze ook niet. Dan maar naar de receptie: wat is mijn kamer nummer. Oeps: 2 verdiepingen hoger...

Dag 11: Amman en Jerash

We hadden gisteren de keus: of we gaan een stadrit doen door Amman, dan via de woestijnkastelen naar Jerash. We zouden niets inhoudelijks zien van Amman en 3,5 uur in de bus zitten voordat we bij Jerash zouden zijn. Gelukkig heeft de groep voor het alternatieve programma gekozen. We gaan dus uitgebreid Amman bekijken en dan naar Jerash. We vertrekken dus op onze laatste dagje om ons nog eenmaal tegoed te doen aan het laatste wat Jordanië ons zal bieden.

Amman, Jordanië
Amman, Jordanië


Onze stadsrondrit begint bij de grote King Abdullah Moskee. We mogen daar als vrouw niet onbedekt naar binnen en niet veel later staan we dus in een kleine ruimte waar ze allemaal zwarte gewaden hebben hangen inclusief capuchon. Binnen 5 minuten zijn de kleurrijk geklede dames omgetoverd in een pinguïnkolonie en dat geeft de nodige hilariteit. We moeten dan eerst een trap op en een eindje om de moskee heen voordat we naar binnen mogen. Tegen die tijd zijn we wel uit gegiecheld en kunnen we de gewenste respect opbrengen. Ook in de fraai versierde moskee verteld Ahmed de grondbeginselen van de Koran. We maken de nodige foto’s en verlaten de moskee, ontdoen ons van ons gewaad en stappen weer in de bus. We vertrekken naar het hoogste puntje van Amman: de Citadel. We hebben daar een fantastisch uitzicht over de stad en we zien daar al het theater liggen die we hierna van dichtbij gaan bekijken. Boven op de top staat het Archeologisch museum en hier liggen zo waar stukken van De Dode Zeerollen. Nooit geweten en altijd gedacht dat je deze alleen in Israël kon vinden. En dan sta je daar zo maar oog in oog in Jordanië naar DE Dode zeerollen te kijken. Wauw! Er staan nog kruiken bij waar ze in zaten en de koperen beschermrol ligt er voor uitgestald.

Degene die klaar zijn van de groep zitten voor het museum wat te zonnen en neem ik even van de gelegenheid gebruik om een foto te gaan maken van het Omyayden paleis. Het ligt er erg sereen en geniet even van dit moment, maar als een klas, die op schoolreisje is, er in een lange rij aan komt zoek ik snel weer de groep op. We komen gelijktijdig bij de bus aan die ons daarop naar het theater brengt. Voor we naar binnen gaan drinken we even een kop koffie en kunnen we een sanitaire stop maken. We mogen boven een gat bungelen en zo’n toilet geeft onder de dames altijd de nodig hilariteit. Leeg geplast en uitgegiecheld gaan we richting theater.

Oud theater, Amman
Oud theater, Amman


We verbazen ons weer over het fenomeen middenstip. Als je precies op het stipje gaat staan heb je een geweldige akoestiek. 20 centimeter opzij en het hele effect is weg. Ook kun je met elkaar praten aan de zijkanten voor aan de tribune. Dit is een fluisterplek. Spreek je daar dan hoor je het aan de ander kant net als of je naast elkaar staat terwijl je toch de nodige afstand moet overbruggen. We werpen daarna even een blik in de musea aan weerskanten. Het heeft het effect van “De Fata Morgana” in de Efteling en vinden het dan ook wel goed. Moeders en ik gaan daarop nog maar even een souvenirwinkeltje onveilig maken. Ik scoor er nog een mooi boek over de wetenswaardigheden in Jordanië. Onze reis gaat verder en Ahmed laat even stoppen bij een winkel waar ze Dode Zee artikelen hebben. Tig soorten zeep en ja welke moet je dan hebben. We laten ons informeren en “wapperen nog eens een keer met de mooie ogen” en scoren daardoor nog een zeepje extra.

Voldaan rijden we daarop naar ons lunch adres. Alle complimenten aan Ahmed, want hij heeft toch een gezellig ding uitgezocht. Het is een traditioneel Jordaans restaurant. We komen een zeer sfeervolle ruimte binnen waar vierkante tafels staan met een prachtige, met mozaïek ingeslagen patronen, koperen platte schalen. Daarom heen staan banken met kelim kleden en zware leren stoelen. We worden gastvrij ontvangen en naar een tafel gebracht. Het duurt niet lang of tig schaaltjes met heerlijk sausjes, rauwkost en een schaal met warm brood met kummel en sesamzaad wordt geserveerd. Dit is wel zo allerbarstens lekker dat we ons haast klem eten. Ahmed komt waarschuwen dat er nog wat ruimte over moet blijven voor de mixgrill. Gelukkig gaat al het lekkers niet weg maar schuiven ze het op zij om even daar na een enorme schaal vol met patat en vlees op tafel te zetten. De beste ober legt uit wat we krijgen. Hij wijst een soort gehakt aan, beef en chicken, wenst ons smakelijk eten en draait zich om, om verder te gaan. Ik kan het niet laten en tik hem even op zijn mouw en vraag met een uitgestreken smoeltje “where the camel is”. Hij zit nog in zijn rol en draait zich keurig om, om het gevraagde aanwijzen tot dat het tot hem doordringt dat ik hem voor “t zootje” had. Hij moet vreselijk lachen en samen hebben we lol en genieten even daarna van een verrukkelijke maaltijd. We zitten zo ontzettend vol dat we stille hoop hebben dat ze ons naar de bus dragen, maar helaas zullen we dit toch op eigen kracht moeten doen. Ik heb het gevoel alsof ik mij 3 maanden zwanger heb gegeten. Oh, oh eer dat er allemaal weer af is, wat dat betreft is het maar goed dat we weer naar huis gaan.

We gaan daarna naar Jerash. Gelukkig hebben we even de tijd om in de bus wat te liggen herkauwen, dat tegen de tijd dat we er zijn kunnen we de benen tenminste weer voor elkaar krijgen. Via de triomfboog van Hadrianus lopen we Jerash binnen. Er staan nog veel restanten van gebouwen en met de nodige uitleg kun je een beeld vormen van deze oude plaats die onderdeel uitmaakte in zijn tijd van de Decapolis. De ovale Plaza geeft een fraai idee van het oude plein. Halverwege staat een jongen kopieën te verkopen van tekeningen van hoe het er vroeger uit heeft moeten gezien. Onze zwerftocht door de stad eindigt in het Zuidelijke theater waar een groep Jordaanse mannen met doedelzak en trom ons staan op te wachten. Met heel veel enthousiasme spelen ze een deuntje. En uit de hele volle tribune moeten ze mij net weer hebben voor een foto. De beste man vouwt zijn rode theedoek met een slag om het hoofd en “klik” we staan er op.
Jerash
Jerash


En dan wil ik Jerash niks te kort doen, maar ik ben het zat. Zit bomvol met allemaal belevenissen (Cairo-toutanchamon-Horeb-woestijn slapen en rondrit-snorkelen-kameel rijden-Dode zee-Petra-Nebo-Amman)...
Hippodrome, Jerash
Hippodrome, Jerash


Dag “bak olle stain” zoals moeders liefdevol deze oude opgravingen benoemd. We gaan naar het hotel. Lekker douchen en de koffer zo strategisch mogelijk inpakken. We trekken onze laatste schone kleren aan en doen ons tegoed aan onze laatste Jordaanse (galgen)maal. En jammie, ze hebben zowaar warme custard pap na. Oh, man dit is mijn landje. Om 10.30 uur vertrekken we naar het vliegveld.

Dag 12: de terugreis

We hebben afscheid genomen van Ahmed en we gaan beginnen met de reis naar huis. We reizen ’s nachts terug om tegen de ochtend aan te komen. Niks mis mee want je stelt je er toch op in en we zitten niet een ochtend bij een hotel rond te hangen. Nu komen we ’s ochtends aan, kunnen de was aanzetten, evt op bed en zijn dan fris voordat iedereen weer thuis is. Met deze positieve insteek rijden we naar het vliegveld. Daar staat iemand ons op te wachten die ons door de douane zal begeleiden. De mannen en vrouwen worden van elkaar gescheiden. De mannen moeten links staan, alle spullen door de detectiepoortjes en zelf worden ze onderzocht met zo’n “piep”stok. De dames ondergaan hetzelfde alleen zij moeten dus bij een dame komen in een apart hokje. Moeders moet zelfs haar zakdoek open vouwen.

Zelf kan ik redelijk gewoon doorlopen. Dan geeft mijn koffer iets verdachts aan en krijgt direct een stikker met “security check”. Mijn koffer moet op een tafel en open. Ik heb een dolkje voor zoonlief gekocht als souvenir. Volgens mij is dit de boosdoener en haal deze dan ook direct te voorschijn. Ik leg uit dat het een souvenir is en dat dit de koffer is die in het vliegtuig gaat. Dan mag de koffer weer dicht. Inchecken en dan krijgt onze tas een labeltje dat ook deze gecheckt is. We moeten dan bij een balie langs waar je een tax/belasting moet betalen van 5 Dinar, maar dit is al voor ons gedaan en we krijgen daarvan het ticket. Dan door de douane zonder veel problemen. We kunnen even later rustig taxfree shoppen en we doen ons tegoed aan een kop koffie. Omdat we toch hier niks meer doen gaan we ons alvast inchecken. En weer hetzelfde patroon. Mannen en vrouwen gescheiden en weer alles door de x-ray en over de lopende band. De dames moeten weer bij een dame in het hokje, maar of deze heeft haar dag niet of is gewoon veel strenger. Ik moet mijn geldbuidel om de buik uitleggen, de bobbel in mijn broek verklaren(tampon), zelfs mijn schoenen uitdoen (terug naar buiten en ze op de lopende band zetten) en dan weer het hokje in, “piep”stok overal bij langs en dan mag ik door. Een van de groep heeft het haar in een grote wrong op het hoofd. Deze had ze zelfs los moeten maken en daarna mocht ze het weer opsteken.

Weer een douane ervaring rijker stappen we even daarna het vliegtuig in. Oh, heerlijk weer een Nederlandse krant. Na een sapje en een hapje wikkelen we ons in de deken en doen een klein dutje. Tegen 6 uur landen we en het duurt niet lang dat we in de vertrekhal staan. Kusje, kusje, dag dag en dan gaan we. We pakken direct de Intercity en zijn dan tegen 10.10 thuis. Een prachtig bos bloemen staat al op ons te wachten. Lekker een senseo'tje, de wasmachine aan, douchen, moeders onder de wol, rolletjes naar de fotograaf, mannetje bellen dat we er zijn, nog even een klein tukje en dan komt iedereen thuis!

Heb je interesse in een reis naar JordaniŽ? We helpen je graag om deze reis naar jouw wens samen te stellen. Reisbureau Reisgraag.nl scoort een 9+ in reviews, we zijn lid van ANVR, SGR & Calamiteitenfonds en we hebben al meer dan 12,5 jaar ervaring. Vul hieronder jouw wensen in voor jouw vakantie naar JordaniŽ, dan sturen we je gratis een voorstel op maat.

Vertel ons uw vakantie wensen. Onze reisexperts geven u gratis en vrijblijvend reisadvies op maat.

Zonder budget geen passend advies.
Uw gegevens

* = verplicht. Privacy beleid is van toepassing

Vakantieverhalen / reisverslagen

Gerelateerde artikelen