Ontdekkingsreis in BelgiŽ, Frankrijk en Duitsland

Bestemming: A. Halle (BelgiŽ) , B. Bastogne , C. Bredevoort (Nederland) , D. Temse (BelgiŽ) , E. Abbeville (Frankrijk) , F. Eu , G. Vlissingen (Nederland) , H. Lier (BelgiŽ) , I. Altenahr (Duitsland)
Periode: augustus 2016
Vervoer: auto en motor
Accommodatie: Geen

Meestal betekent vakantie dat je op reis gaat naar een bepaalde bestemming. Dit jaar besloten mijn broer en ik tot een andere aanpak en maakten we behoorlijk wat dagtrips.
Onze vakantie begon net voor de Bergse Krabbenfoor, een evenement dat in het laatste weekend van juli gepland stond. Deze eerste dag besloten we Belgie in te trekken. De weg moest ons naar Mons leiden, maar onderweg kwamen we door Halle en een indrukwekkende toren riep ons al van verre tot haar.

Halle

Halle is een interessante stad. De eerste vermelding van het toenmalige dorpje dateert uit 1152 als men het heeft over 'Hallensis'. Momenteel is het de hoofdstad van het kanton Halle en is het gelegen in de Zennevallei aan de rand van Pajottenland. Niemand minder dan Johanna van Constantinopel gaf in 1225 'stedelijke vrijheden' aan Halle.

Op het marktplein was het gezellig. Sinds 1947 mag de kerk zich basiliek noemen. Het schijnt dat in 727 de heilige Hubertus op deze locatie al een kerkje gesticht heeft. Uit 1286 is er hier een Mariakapel te vinden waar een geschonken beeld van Onze-Lieve-Vrouw te bewonderen is. Het leidt tot een behoorlijke toestroom van lokale gelovigen en bedevaartgangers. Er is veel in deze kerk te zien die bovendien wonderbaarlijk licht van binnen is en prachtige glas-in-loodramen ramen bevat. Er zijn veel parkeerplaatsen in de buurt en de terrasjes zijn verleidelijk, dus strijk eens neer in dit leuke centrum.

Kerk
Kerk

Ardennen

De Ardennen staan ook dit jaar weer op onze checklist. Heerlijke heuvels waar bosgebieden zich afwisselen met graslanden en akkerbouw, gezellige oude stadjes en dorpjes en kastelen die terugblikken in de grandeur van vroeger: het zijn die typische ingrediënten waardoor je de tijd even vergeet. Dat gebeurde precies toen we het dorpje Harzé binnenreden. We hadden een prachtig uitzicht op een kasteel met grote tuin. Chateau de Harzé dateert uit de 17e eeuw en verrast met geweldig fraaie gebouwen tegen een prachtige achtergrond. Het is nu een restaurant en een hotel, er worden seminars gehouden en er zijn ruimten voor presentaties en workshops. We keken elkaar aan, parkeerden de auto en betraden het kasteel. De foto's spreken voor zich. De gebouwen ademen nog één en al historie uit, waarbij vooral de galerij aan de achterkant van het gebouw opvalt. Je kijkt uit op een prachtig landschap en de galerij zelf betovert met een fraai spel van licht en schaduw. Als je binnenkomt zie je dat het kasteel duidelijk onder invloed van de horecafunctie staat, maar er zijn toch nog een hoop oude elementen bewaard gebleven. Het is beslist een bezoekje waard zeker ook met dat maalderij- en bakkersmuseum.

Chateau de Harzé
Chateau de Harzé


We gingen verder op weg naar Bastogne (Bastenaken). We zagen veel tanks of alleen de geschutskoepel op een stuk beton staan. Dat is dan meestal geallieerd materiaal in deze in de 2e Wereldoorlog door harde strijd geplaagde omgeving. Een Duitse tank is minder vanzelfsprekend, dus toen we deze onderweg tegenkwamen besloten we dat het ook hier tijd is voor een tussenstop. Het centrum en de hoofdstraat zijn bezaaid met winkeltjes en terrassen, maar verder is er niet zo veel te zien en te beleven. Het was wel goed druk. Het weer werd van kwaad tot erger als donkere wolken samentrekken en de eerste druppels vielen. Tijd om naar huis te gaan, besloten Henk en ik. Maar toen was daar dat bord dat ons op het beroemde oorlogsmonument wijst. Het is een indrukwekkend monument, een aandenken aan de vele doden en gewonden die in de harde strijd tijdens het Ardennenoffensief gevallen zijn. Het was erg druk en het kostte ons een paar rondjes eer we een plekje vonden om de auto te parkeren. Gelukkig was er een klein plekje en kregen we de gelegenheid om het monument te aanschouwen.
Het indrukwekkende monument
Het indrukwekkende monument

Bredevoort

De volgende dag was het weer tijd om op pad te gaan. Henk wilde al een tijdje naar Bredevoort dus werd dat ons doel op vrijdag 5 augustus. We reden via Zwijnsdrecht en besloten om binnendoor te gaan. Het resultaat was een prachtig lint van kleine weggetjes helemaal tot in het oosten van het land, waar het boekenstadje Bredevoort te vinden is. Toen we in de buurt van het vestingstadje kwamen, viel er een zwaar pak regen uit de lucht. We besloten om een maaltijd te nuttigen in een voor ons bekend pandje uit begin 1900. Als je binnenkomt waan je je echter in de Middeleeuwen. Je drinkt uit aardewerk en alles is aangekleed om de sfeer van de middeleeuwen in je op te dringen, wat goed lukte. Omdat de meeste boekenwinkeltjes dicht waren en de regen niet uitnodigde tot een wandeltocht besloten we verder te gaan. Ook hier kozen we weer voor de binnenweggetjes die ons via Duitsland richting Den Bosch loodsten.

Een echt Middeleeuws restaurant
Een echt Middeleeuws restaurant

Belgische binnenwegen

Maandag 8 augustus gingen we om kwart voor 12 op België af voor een tochtje. Ik stelde voor om Antwerpen voorbij te rijden en dan de snelweg te verlaten op zoek naar kleine binnenweggetjes. Zo kwamen we na een uurtje aan bij Temse. Dit stadje ligt aan de Schelde in Oost Vlaanderen. De naam stamt af van het Germaanse Tem (doorwaadbaar water) en Se (plaats, vestiging). De rivier de Thames heeft dezelfde oorsprong.

We kwamen Temse binnenrijden en al direct lokte een fraaie toren ons naar het centrum. De toren blijkt te behoren tot het imposante gemeentehuis en direct ernaast ligt de net zo fraaie Onze-Lieve-Vrouwe Kerk. We besloten de auto te parkeren tussen beide gebouwen in en gingen op onderzoek uit. Alleen al een rondje rond deze gebouwen leverde een hele serie mooie plaatjes op. Behalve de twee genoemde gebouwen, staan er tal van monumentale panden, waar onder ook een oude fraaie fabriek. Op één van de panden zag ik twee prachtige krabben. We vielen van de ene verbazing in de andere. Langs het oude fabrieksgebouw kwamen we bij de Schelde zelf, waar we nog een blik konden werpen op de Scheldebrug die met zijn 365 meter een van de langste bruggen in België is.

Het imposante gemeentehuis
Het imposante gemeentehuis
Onze-Lieve-Vrouwe Kerk
Onze-Lieve-Vrouwe Kerk

Frankrijk

Frankrijk lonkt en deze dinsdag besloten Henk en ik om onze auto richting Frankrijk te sturen. De kustweg naar het zuiden was voor ons bekend terrein. Dit is een prachtige streek die haast bedelt om met de camera te worden vastgelegd. Maar het was tijd om het binnenland te bezoeken, want het was oogsttijd en dan is er van alles te zien. Het gaf mij tevens de kans om wat feitjes te checken. Ik had namelijk net een oorlogsroman afgerond waarbij de hoofdpersoon ook in dit deel van Frankrijk belandt. Het is deels fictie, maar deels ook gebaseerd op waargebeurde verhalen.
We reden naar Abbeville, een van de plaatsen die in het boek voorkomt. We zagen onderweg wel duizenden hooibalen op de velden liggen, elk veld toonde dat de boeren het druk hadden. Wanneer we eenmaal in Gamaches waren moesten we naar de kerk, mede omdat deze kerk in het boek terugkwam. ‘Eglise de Saint Pierre et Saint Paul’ dateert uit de 13e eeuw en van binnen is van alles te zien.

Hooibalen langs de weg
Hooibalen langs de weg


Een kuststadje dat we vaker bezocht hebben is Le Tréport, gelegen aan de mooiste krijtrotsen. Zoals Henk en ik wel vaker meemaken als we onderweg zijn halen we ook dit keer ons doel niet. We belandden namelijk in Eu, de duostad van Le Tréport en het oude centrum met gebouwen als ‘Château d'Eu’ en ‘église Notre Dame et Saint Laurent’ kun je niet zomaar overslaan. De kerk is tussen 1186 en 1240 gebouwd in gotische stijl. Maak een rondje rondom maar vergeet ook niet even binnen te lopen. Het interieur is net zo imposant en toont echte schatten.
Chateau d'Eu
Chateau d'Eu
Église Notre Dame et Saint Laurent
Église Notre Dame et Saint Laurent


Een leuke wetenswaardigheid over Eu: Jeanne d'Arc passeerde hier in 1430 als Engelse gevangene. Misschien dat daarom in de kerk van Gamaches ook een beeld van haar te bewonderen is.
Duitsland heeft ons altijd al getrokken. Als kinderen togen we daar met onze ouders al erg vaak naar toe. Donderdagochtend 18 augustus reed mijn neef Jaimy van der Velden al voor half acht zijn auto voor de deur. Even later pikten we mijn broer Henk op en gingen we op pad. Het plan was om de snelweg richting Eupen te volgen om van daar uit binnendoor op Altenahr aan te koersen.

In de buurt van Neufchâteau in België stuitten we ineens op een tank. Er bleek ook een fortificatie te huizen maar deze was gesloten. Na wat kiekjes vervolgden we onze weg en belandden in het oude stadje Altenahr aan het kleine riviertje de Ahr. Dit riviertje is bijzonder mooi en slingert vanaf de Rijn waar ze uitmondt tot voorbij de Nürburgring. Altenahr is een leuk toeristisch dorpje met veel winkeltjes, terrasjes en hotels. We besloten in het Posthotel iets te eten. De schnitzels smaakten precies zoals ze altijd in Duitsland doen: heerlijk.

Het dal van de Ahr volgt elke beweging van het levendige riviertje. Het dal is ook diep uitgesleten in de leisteen zodat de wanden beschermend boven je uit torenen. De bergwanden lijken zo een stuk hoger dan ze in werkelijkheid zijn. We besloten op Remagen aan te koersen. Deze stad aan de Rijn kent een heftig verleden dat verder gaat dan de 2e W.O. Dat ondervonden we als we de Apollinarisberg afdaalden. Om een hoek staat daar ineens een prachtige gotische kerk met een fraai uitzicht over de Rijn. We besloten dan ook om hier een stop te maken.
Altenahr
Altenahr
Gotische kerk
Gotische kerk


Binnen kwam ik in gesprek met een non. De gemeenschap die hier gehuisvest is komt oorspronkelijk uit de omgeving van Maastricht en bestaat uit Nederlandse en Duitse zusters, broeders en priesters. Ze had een mooi verhaal over de kerk te vertellen. Oorspronkelijk stond op deze plaats een romaanse kerk, daterend uit de 5e eeuw. Deze is later verfraaid en in 1110 waren het de Benedictijnen die hier een zogenaamde Proosdij inrichtten. In 1360 werden de overblijfselen en de relieken van de Syrische heilige Apollinaris, een bisschop, over de Rijn richting Keulen vervoerd om daar in de kerk bijgezet te worden. Echter, het schip strandde aan de oevers van Remagen. De bevolking zag dit als een teken dat de heiligheid hier begraven wenste te worden. Er werd in de kerk een crypte gemaakt waar het lichaam van Apollinaris ten ruste werd gelegd. Sindsdien draagt de berg waarop de kerk staat ook deze naam.

De oorlogen van Napoleon trokken een spoor van vernietiging, zo ook hier en daarbij werd de kerk dusdanig beschadigd dat slechts sloop restte. Op de grondvesten van de romaanse kerk, met behoud van de crypte, werd een nieuwe gotische kerk gebouwd: de huidige Apollinariskerk. Als je hier in de buurt bent is het beslist de moeite waard om een kijkje te nemen want de wand- en plafondschilderingen zijn werkelijk schitterend.

Met de motor door Zeeland

Mijn motor, Suzuki Marauder, is een fijne machine, een 800 cc van 1998. In mijn eentje ging ik op pad. De oude Zeeuwse weg lag er heerlijk rustig bij dus kon ik op mijn gemak richting de Zeeuwse kust tuffen. De boulevard van Vlissingen was mijn eerste stop. Na even lekker op een bankje gezeten te hebben besloot ik om een rondje langs Michiel de Ruyter te doen. Langs Groot Valkenisse reed ik binnendoor tot in Zoutelande. Op de dijk na Westkapelle stopte ik nog even bij de vuurtoren.  

Met de motor naar de boulevard
Met de motor naar de boulevard


Ik reed daarna op de Neeltje Jans aan maar net ervoor sloeg ik af richting Goes. Even later reed ik Wilhelminadorp binnen. Goese Meren, Kattendijke, Wemeldinge en zo belandde ik in Yerseke. Als ik dan het bordje 'Oesters & Bubbles' zie dan moest ik direct aan mosselen denken. Hier at ik deze zomer de lekkerste die ik de laatste jaren geproefd heb en spontaan krijg ik honger. Even later stond er dan ook een heerlijke pan voor me te dampen.

Lier in België

Vrijdag 26 augustus is de sterfdag van Pa. Met hem in gedachten stapten Henk en ik in de auto om ons onderweg te laten verrassen. We zetten het vizier op België en besloten binnendoor richting Diest te rijden. Deze keer kwamen we echter niet eens aan op de plaats van bestemming. Onderweg werden we weer verleid om ergens halt te maken en voor we het wisten was de tijd er met ons vandoor.

Zodra we het plaatsje Lier binnenreden beseften we al dat dit een bijzonder stadje is. Op het marktplein wordt je aandacht direct getrokken door het gemeentehuis met het Belfort. In al zijn glorie torent deze hoog boven alle gebouwen uit. Maar het plein staat bomvol met oude gebouwen en prachtige gevels. Zo vind je er op de hoek ook het Vleeshuis of de Sint Pieter Kapel. Nadat Henk en ik op één van de terrasjes even wat genuttigd hadden, liepen we op het gemak over het plein en legden we van alles vast.

Lier
Lier
Gemeentehuis Lier
Gemeentehuis Lier


Een poosje later wilden we naar de grote kerk die we gezien hadden. Eerst kwamen we nog langs een kleurrijke toren die de naam 'Zimmertoren' draagt. Wat een bijzondere manier om de tijd weer te geven.
Zimmertoren
Zimmertoren


Bij de kerk aangekomen was er precies één parkeerplekje vrij. We gingen de Sint Gummaruskerk ontdekken. De entree bedraagt slecht €1,50. Tenminste, het voorste gedeelte is geheel gratis zodat elke bewoner of bezoeker hier in stilte zijn of haar gebed kan doen. Het andere bedrag betaal je als je het achterste gedeelte van de kerk en de schatkamer wilt bezoeken. Deze Brabants-gotische kerk kwam tussen 1378 en 1540 tot stand. De kerk heeft in de geschiedenis een bijzondere rol gehad. Zo vond de inzegening van het huwelijk tussen Philips de Schone en Johanna van Castillië hier in 1496 plaats. Maar ook de jonge Karel de V bezocht deze kerk in gezelschap van zijn grootvader Maximiliaan van Oostenrijk toen Karel Hertog van Brabant was.
Sint Gummaruskerk
Sint Gummaruskerk


Je kunt blijven dwalen door de kerk. Behalve de prachtige architectuur is deze kerk rijk bedeeld met beelden, afbeeldingen en speciale hoekjes en doorkijkjes. Indrukwekkend is de reliekschrijn van de Heilige Gummarus dat dateert uit de 17e eeuw. Deze schrijn is vervaardigd uit zilver en weegt maar liefst zo'n 800 kilogram. Tijdens de binnenkomst werden we allerhartelijkst door twee gastvrouwen ontvangen. Als je wilt kun je je door hen ook alles laten uitleggen over deze bijzondere kerk.

Diest halen we niet meer, concludeerden Henk en ik met een stevige glimlach. Maar dat gaf niet, want een bezoek aan de stad Lier was dubbel en dwars de moeite waard. En dan te weten dat we zoveel nog niet gezien hadden zoals het beroemde Begijnhof, de Vismarkt, de Sint Jansbrug of de beroemde Lierse reuzen. Waarschijnlijk moeten we Lier gewoon nog een keer een bezoek brengen, maar dan met een kaartje bij de hand.

Geschreven door Sonn Franken

Vakantieverhalen / reisverslagen